Kandidaten van het CDA lopen samen door het dorp
CDA Hilversum

Verkiezings­programma

2026-2030
Voorwoord

Wat doet er echt toe?

Politiek gaat vaak over wie het hardste roept. Het simpele antwoord klinkt luider dan het eerlijke antwoord. De korte termijn wint van de lange termijn. En wie een schuldige aanwijst, krijgt sneller applaus dan wie geduldig naar een oplossing zoekt.

Wij kiezen voor een andere weg. Niet omdat we naïef zijn, maar omdat we geloven dat je een dorp, wijk of stad mooier maakt door samen te werken, met inwoners, met maatschappelijke initiatieven, met andere partijen. Het CDA kan dat niet alleen, maar het kan ook niet zonder het CDA. We doen dit samen. Dat is onze belofte.

Wat er volgens ons echt toe doet, zijn onze inwoners en de verbinding tussen onze inwoners. Dat begint met een kop koffie met de eenzame buurman, of een kop soep voor de overbelaste mantelzorger, of een middag een jongetje van school opvangen omdat het thuis te druk is. De vrijwilliger die naast zorg voor eigen gezin en baan, ook een sportteam draaiend houdt. De gemeente maakt veel beleid, maar onze samenleving draait op onze inwoners. Het is deze verbinding tussen onze inwoners die we willen koesteren. Daarmee beschermen we wat we samen hebben opgebouwd: onze natuur, onze buurt, onze verenigingen en ons dorp.

Dat vraagt om beleid dat weliswaar richting geeft, maar waar wij altijd de mens achter het beleid blijven zien. Beleid moet ondersteunend zijn aan initiatieven die er al zijn, en deze niet overnemen. Beleid moet oog houden voor eenieder die buiten het gemiddelde valt: maatwerk, en een menselijk loket houdt onze gemeente leefbaar voor iedereen.

Het betekent een parkeerbeleid dat ontmoetingen niet ontmoedigt en/of onmogelijk maakt. We willen investeren in de plekken waar mensen elkaar ontmoeten, een buurtcentrum, het groen in de wijk. Het betekent woningen bouwen die doorstroming mogelijk maken zodat het jonge gezin niet hoeft te vertrekken en de oudere door kan stromen naar een plek waar weer ontmoeting plaatsvindt. En het betekent dat we de gemeentefinanciën op orde houden, zodat er ook voor de volgende generatie wat te kiezen valt.

De lijst van het CDA bestaat uit 50 inwoners uit de wijken en dorpen van Hilversum. Iedereen is op zijn of haar manier betrokken bij de samenleving. De één begeleidt naast haar werk een jeugdorkest, de ander organiseert het palingroken, weer een ander is actief bij de moskee. We hebben vrijwilligers bij sportverenigingen, koren, kerken en vrijwilligersorganisaties. Wat hen bindt is de overtuiging dat je een samenleving bouwt met elkaar en dat verantwoordelijkheid nemen je meer als mens laat groeien.

Tegenover de politiek van boosheid en verdeeldheid zetten wij de politiek van het luisterend hart. Niet de inwoner tegen de overheid, niet de ene groep tegen de andere, maar samen zoeken naar wat recht en goed is, juist voor wie kwetsbaar is en niet de luidste stem heeft.

Met dat luisterend hart willen wij verder aan het werk: dienend en gericht op recht doen aan onze naaste en de omgeving. Dat is de geest waarin dit programma is geschreven.

Inhoud
  1. 1Een betrouwbare en dienstbare gemeente
  2. 2Veiligheid
  3. 3Wonen
  4. 4Verkeer en parkeren
  5. 5Natuur, duurzaamheid en leefomgeving
  6. 6Zorg en samenleving
  7. 7Waardig ouder worden
  8. 8Verenigingen en sport
  9. 9Cultuur
  10. 10Ondernemers en winkels
  11. 11Kandidaten
Bekijk de plannen voor jouw dorp of wijk
1
Hoofdstuk 1

Een betrouwbare en dienstbare gemeente

Het vertrouwen in de overheid is laag en de onvrede over beleid is toegenomen. Dit is een zorgwekkende ontwikkeling en niet goed voor het vertrouwen in de politiek. Voor CDA Hilversum begint politiek met de erkenning van maatschappelijk initiatief. Mensen, buurten, sportclubs, scholen, kerken, moskeeën, zorginstellingen, culturele organisaties, bedrijven: ze leveren allemaal een unieke bijdrage aan de samenleving. De overheid geeft al die mensen en organisaties het vertrouwen om te doen waar ze goed in zijn. De gemeente stelt zich dienstbaar op. CDA Hilversum staat pal voor de rechtsstaat als onmisbare voorwaarde voor de bescherming van menselijke waardigheid. De overheid is er om samenleven mogelijk te maken voor ons allemaal. Een betrouwbare overheid, een integer bestuur, stelt duidelijke grenzen en geeft mensen zekerheid. De overheid is er ook om onrecht te bestrijden, ze moet rechtvaardig zijn. Wij besturen met ons hoofd en met ons hart en zijn dienstbaar aan de samenleving.

Besturen met hoofd en hart

Actueler dan ooit is de fundamentele vraag in wat voor samenleving we willen wonen. En wat voor samenleving laten we na? Een samenleving waar iedereen voor zichzelf leeft? Een samenleving waar de mensen die het goed hebben getroffen haast niet omkijken naar iemand die het niet zo goed getroffen heeft? Een samenleving waar goed doen, zoals het inzamelen van oud-papier voor je vereniging, wordt wegbezuinigd omdat het niet efficiënt is? Waar buurtverenigingen tegen een muur lopen omdat de kunst van ‘luisteren naar elkaar’ is vervallen tot het uiten van meningen, het opeisen van je recht of het enkel inrichten van een formeel proces vanwege de plicht tot participatie? Bij ons handelen laten wij ons niet leiden door modellen en cijfers, maar door ons hoofd en hart.

CDA Hilversum kiest voor een sterke samenleving waarin iedereen kansen krijgt. Iedereen telt mee en werkt mee. Het begint met zorgen voor jezelf en waar mogelijk ook voor anderen. Wie echt hulp nodig heeft, krijgt die van de gemeente.

We moeten waar mogelijk voorkomen dat mensen er niet bij horen en dat mensen niet gehoord worden. De menselijke maat staat centraal en ‘wij’ is belangrijker dan ‘ik’. Een sterke samenleving zien we als een gemeente waar het geschikt wonen is voor iedereen, waar de openbare ruimte veilig, aantrekkelijk en uitnodigend is en waar voorzieningen beschikbaar en toegankelijk zijn. Voor de leefbaarheid en saamhorigheid zijn verenigingen en vrijwilligers essentieel voor de gemeente. Waardering en ondersteuning voor hen die zich belangeloos inzetten is nodig.

  • Bestuurlijke integriteit moet boven elke twijfel staan. Daarom zijn wij scherp op de integriteit van ons handelen en van onze mensen. Door elkaar kritisch te bevragen bevorderen en stimuleren we integer gedrag.
  • Wij hebben een luisterend oor bij complexe vraagstukken en dit helpt ons de juiste afwegingen te maken.
  • De menselijke maat in onze dienstverlening is leidend: we handelen in de geest van de regel boven de letter van de regel. Wij werken vanuit vertrouwen. Klachten nemen we serieus en laten we waar mogelijk zichtbaar leiden tot verbetering.
  • We willen onnodige regels schrappen: inwoners en ondernemers denken mee van welke regels we met gemak af kunnen. Zo willen we de administratieve lasten beperken.
  • Vergunningen behandelen wij professioneel en vlot.
  • Wij communiceren vroeg en breed.
  • De organisatiewaarden eenvoud, betrokkenheid en vertrouwen worden breed geïmplementeerd en vertaald in concrete acties.
  • We maken na de verkiezingen afspraken over afsplitsers in de gemeenteraad. Versplintering is slecht voor het besturen van onze dorpen.
  • We streven ernaar dat mensen met een beperking mee kunnen doen op de arbeidsmarkt.
  • We vinden een brede sociale toegankelijkheid belangrijk.
  • We maken ons sterk voor inclusieve speeltuinen, zodat ook kinderen met een beperking mee kunnen doen.

Eén gemeente, ruimte voor verschil

Vanaf 1 januari 2027 vormen Hilversum en Wijdemeren samen één gemeente. Die fusie is voor ons geen doel op zichzelf. Inwoners moeten merken dat de gemeente sterker wordt, zonder dat verloren gaat wat een dorp of wijk bijzonder maakt. Eén gemeente betekent maatwerk. Gelijke aandacht vraagt soms juist om verschillende oplossingen voor stad, wijk en dorp. Daarom geven wij vier garanties:

  • De identiteit, tradities en het eigen karakter van onze dorpen en wijken blijven behouden.
  • De dienstverlening blijft dichtbij en persoonlijk. Inwoners kunnen terecht bij herkenbare medewerkers die hun dorp of wijk kennen.
  • Harmonisatie van beleid, subsidies en tarieven betekent niet dat automatisch overal dezelfde oplossing geldt. Verschillen leggen wij uit en waar maatwerk nodig is bieden wij dat.
  • Voorzieningen, verenigingen en bestaande initiatieven in de dorpen worden niet benadeeld vanwege de fusie. Bij veranderingen zorgen wij voor een zorgvuldige overgang.

Financieel robuust

De laatste twee jaar staan de financiën in Hilversum onder druk. Dreigende financiële tekorten door grote investeringen en het ontbreken van middelen vanuit het Rijk. Wij vinden het belangrijk dat de gemeente het huishoudboekje structureel op orde heeft.

  • Er moet structureel evenwicht zijn tussen inkomsten en uitgaven, wat niet vanzelfsprekend is nu het Rijk lijkt te gaan bezuinigen. Wij blijven kritisch kijken naar de uitgaven en schalen af waar dat verantwoord is. Bij tekorten kijken wij eerst naar onze eigen uitgaven voordat wij een beroep doen op de inwoner, en wij maken die keuzes transparant. Op de kwaliteit van de zorg voor mensen, jong of oud, bezuinigen wij niet.
  • Gematigde en voorspelbare woonlasten brengen rust voor inwoners in een tijd van stijgende kosten, ook wanneer tarieven door de fusie worden geharmoniseerd. De huidige koppeling tussen OZB, afval- en rioolheffing laten wij los, zodat per belastingsoort jaarlijks wordt berekend wat de werkelijke kosten zijn. De OZB stijgt bij ons niet harder dan de inflatie. Dat geeft ruimte voor noodzakelijke investeringen in de openbare ruimte.
  • Wij maken onderscheid tussen investeringen en uitgaven en kijken daarbij ook naar de maatschappelijke opbrengst. Het onderhoud aan ons groen en onze wegen is voor ons een duurzame investering en geen eenmalige uitgave waarop je kunt bezuinigen.

Eerst uitvoeren, dan nieuw beleid

Een plan heeft pas waarde als inwoners er iets van merken. Wij stapelen geen nieuwe plannen op besluiten die nog op uitvoering wachten. Bij nieuwe voorstellen moet duidelijk zijn wie ze uitvoert, wat ze kosten en wanneer het resultaat zichtbaar is. Binnen de gewone begrotings- en verantwoordingscyclus ziet de gemeenteraad welke projecten op schema liggen en waar bijsturing nodig is. Externe inhuur gebruiken wij tijdelijk voor specialistische kennis en niet als structurele vervanging van een sterke gemeentelijke organisatie.

Regionale samenwerking

De Regio Gooi en Vechtstreek is een prachtige regio om in te wonen. Het is de regio waar de brede welvaart het allerhoogst is. Dankzij de samenwerking met de Regio-organisatie en de regiogemeenten houden we de regio sterk en dat is goed voor Hilversum.

  • Het CDA Hilversum is voorstander van een bestuurlijke samenwerking in de regio Gooi en Vechtstreek. Het daarbij waarborgen van de democratische legitimatie is van groot belang, zeker nu Hilversum na de fusie ongeveer de helft van de Regio vertegenwoordigt.
  • Onze gemeente werkt op veel terreinen samen met andere gemeenten, van groenvoorziening en afvalverwerking tot de inkoop van jeugdzorg. Die samenwerking is nodig, maar zij mag niet betekenen dat de raad op afstand komt te staan. Wij willen dat de raad vroeg wordt betrokken bij gemeenschappelijke regelingen, dat kosten en resultaten navolgbaar zijn en dat wij eruit stappen als een regeling niet levert wat zij belooft.

Dorp en wijk

Een gemeente is geen bedrijf en u bent geen klant. De verhouding tussen inwoner en gemeente is er niet een van leverancier en consument maar van gedeelde verantwoordelijkheid. Wat mensen zelf kunnen laten wij bij hen, wat zij samen kunnen ondersteunen wij, en pas wat echt niet zonder de gemeente kan, pakt de gemeente op.

Een subsidie, een vergunning of een aanspreekpunt hoort het initiatief te volgen en niet in de plaats ervan te treden. Zet de samenleving een stap terug, dan vult de gemeente niet het gat maar spreekt zij mensen aan, versterkt zij verenigingen en beloont zij initiatief. Uit ons eigen buurtenbeleid weten wij hoe beperkt maakbaarheid van bovenaf is en die les nemen wij serieus.

  • Onze dorpscoördinatoren en wijkregisseurs vormen de onmisbare schakel tussen het dorp/de wijk en de gemeente. Zij krijgen meer mandaat en krijgen intern voorrang op het behandelen van vraagstukken. We noemen ze onze kuitenbijters. Ze laten niet los!
  • Wij kiezen voor gebiedsgerichte, integrale samenwerking. Dat betekent: werken met gebiedsagenda’s die bewoners, ondernemers, instellingen en de gemeente verbinden rondom gedeelde opgaven in de wijk of het dorp. Niet ieder probleem apart oplossen, maar samenhang zoeken en daadkracht bundelen. Dat betekent dat problemen op het vlak van wonen, zorg, economie, veiligheid, groen en sociale cohesie integraal worden aangepakt, niet in portefeuilles, maar onder gezamenlijke verantwoordelijkheid van heel het college van B&W.
  • De komende periode krijgen deze agenda’s prioriteit. Wijkplannen (Hilversum) en dorpsvisies (Wijdemeren) worden geïntegreerd en verankerd in de reguliere beleidscyclus: jaarlijkse voortgangsrapportage aan de raad en zichtbare terugkoppeling naar bewoners over wat er met hun inbreng is gedaan.

Asiel en opvang

In 2023, nog vóórdat er sprake was van concrete locaties, heeft de gemeente in alle wijken met Hilversummers gesproken over de vraag hoe we in Hilversum de Spreidingswet willen uitvoeren: aan welke voorwaarden moet asielopvang voldoen en wat moet er geregeld zijn? Naar aanleiding van deze gesprekken en een internetconsultatie zijn er afspraken gemaakt met de stad en met de gemeenteraad en die afspraken zijn leidend voor de gekozen aanpak.

  • Onze lijn is daarom niet nieuw en verandert niet. Wij voeren de wet uit, met hoofd en hart en we doen dat samen met de inwoners, zoals bij de zorgvuldige locatiekeuze in Hilversum. Kleinschalige opvang en spreiding over de regio blijven het uitgangspunt. Niemand hoort op straat te slapen, ook niet in Ter Apel.
  • En wij zijn eerlijk over waar het knelt: zolang Den Haag geen helder en uitvoerbaar asielbeleid neerlegt, vangen gemeenten de gevolgen op van keuzes die elders niet worden gemaakt. Zo doen wij het en zo blijven wij het doen: zorgvuldig, kleinschalig, gericht op meedoen en met een duidelijke termijn. Bij de realisatie van opvang horen investeringen in de wijk, in voorzieningen en in veiligheid, in overleg met de wijk. Bij de keuze voor een locatie hoort dus ook een vastgesteld investeringsbudget.
2
Hoofdstuk 2

Veiligheid

Iedereen moet zich thuis en op straat, beschermd en veilig kunnen voelen. Een veilige gemeente vraagt om stevige maatregelen. Geen woorden, maar daden. Zichtbaar. Wij richten ons in het bijzonder op het tegengaan van criminaliteit die een grote impact heeft op het slachtoffer, diens directe omgeving en het veiligheidsgevoel in de samenleving, zoals femicide, overlast op straat, ondermijning en zorgcriminaliteit. Maar ook verkeersoverlast door fatbikes en verkeersaso’s en onveiligheid op school, zoals bijvoorbeeld pestgedrag en messenbezit, zijn onze thema’s. Dit pakken we gezamenlijk op.

Veilig zijn en je veilig voelen

Een kind dat in november op de fiets naar de sportclub gaat, een oudere die in het donker de deur nog uit durft, een vrouw die ’s nachts alleen naar huis kan fietsen, een ondernemer die ’s avonds veilig zijn zaak afsluit. Stuk voor stuk voorbeelden die normaal zouden moeten zijn, maar dat helaas niet altijd meer zijn. Het gaat niet goed. Veel inwoners voelen zich niet veilig.

Veiligheid gaat ook over leefbaarheid. Een kapotte lantaarnpaal, een verlaten winkelpand, rommel rondom openbare containers en een speelplek waar niemand meer komt. Waar de omgeving verloedert, verdwijnt het gevoel dat iemand er nog op let. Daarom pakken wij verloedering en kleine ergernissen snel aan en investeren in extra capaciteit waar dat nodig is.

Veiligheid is niet alleen een taak van de gemeente. Buurtpreventiegroepen, buurtapps, verenigingen en gewoon buren die op elkaar letten doen het werk dat geen enkele handhaver kan overnemen. Dat stimuleren wij.

  • Wij blijven aandringen op meer politie op straat en op een stevigere positie voor onze boa’s, met zichtbare handhaving op de plekken waar het echt misgaat. Wijkagenten zijn herkenbaar en zichtbaar, en investeren in het contact met de buurt of dorp.
  • Straatintimidatie, huiselijk geweld en femicide houden onze volle aandacht, met korte lijnen naar hulp en voorlichting op de plekken waar jongeren en uitgaanspubliek komen. De aanpak van straatintimidatie zetten wij voort en de vraag ‘ben je oké?’ verdient een vaste plek in wat we uitgaanspubliek, scholen en verenigingen meegeven.
  • Verloedering pakken we snel aan, want een verzorgde omgeving laat zien dat een plek en de mensen die er wonen ertoe doen.
  • Buurtpreventie, buurtapps en verenigingen die zelf iets organiseren kunnen op onze steun rekenen. Wij nemen het niet over.
  • Wij versterken het toezicht op het Hilversums Kanaal, de Spiegelplas en de Wijde Blik, met extra aandacht tijdens warme dagen, weekenden en het recreatieseizoen. We treden op tegen snelvaren, varen onder invloed, gevaarlijk gedrag en ernstige geluidsoverlast. Meldingen worden per watergebied geregistreerd, zodat verplaatsing van overlast zichtbaar wordt en de inzet daarop kan worden aangepast.
  • Veiligheid betreft ook de inrichting van de openbare ruimte, zoals goed verlichte fietspaden.
  • Digitale criminaliteit kan iedereen raken. Daarom investeren wij in voorlichting, digitale weerbaarheid en laagdrempelige hulp voor inwoners die slachtoffer zijn geworden. Bij ouderen is extra aandacht nodig voor babbeltrucs, bankhelpdeskfraude, nepagenten en misbruik van persoonlijke of bancaire gegevens.

De criminaliteit die je niet ziet

Ondermijning is de vorm van criminaliteit die het meeste schade doet en het minst zichtbaar is. Drugshandel die zich nestelt in een loods, een jachthaven of een vakantiepark. Zorggeld dat verdwijnt in bedrijfjes die geen zorg leveren. Een pand dat wordt gekocht met geld waarvan niemand de herkomst kent. In een gemeente met veel water, veel recreatie en straks nog meer buitengebied vraagt dat om blijvende aandacht. Wij zetten de aanpak van ondermijning voort, investeren extra in de aanpak van zorgcriminaliteit en vragen om extra ogen op vakantieparken en jachthavens, met de bevoegdheden die er zijn om malafide ondernemers te weren.

  • Met Project Achilles heeft de gemeente een integrale aanpak ontwikkeld om vakantie- en recreatieparken veilig en leefbaar te houden. Die aanpak zetten wij voort. Waar dat nodig en mogelijk is, passen we deze werkwijze ook toe op andere kwetsbare locaties, zoals jachthavens, afgelegen loodsen en opslagterreinen. Bonafide ondernemers zijn daarbij onze partners; malafide activiteiten pakken we gericht en stevig aan.
  • Ook mensenhandel en uitbuiting blijven vaak buiten het zicht. Dat kan gaan om seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting of jongeren die onder druk worden ingezet voor criminele activiteiten. Wij zorgen dat medewerkers en maatschappelijke organisaties de signalen herkennen en weten waar zij terechtkunnen. Samen met politie, hulpverlening en de Nederlandse Arbeidsinspectie beschermen wij slachtoffers en pakken wij degenen aan die aan uitbuiting verdienen.
  • Wat drugs in een gemeenschap aanrichten zien wij het scherpst bij jongeren. Drugs en wapens zijn eenvoudig te krijgen en de stap naar het snelle geld is klein. Wij blijven de illegale handel bestrijden. Ook online.
  • De aanpak van zorgcriminaliteit wordt een speerpunt. Omdat het grote impact heeft op de kwaliteit van zorg voor de allerkwetsbaarste.
  • De wijkagent en de jongerenwerker zijn de ogen en oren van een buurt, maar alleen als ze er ook echt zijn. Wij blijven aandringen op meer politiecapaciteit voor onze gemeente en op een sterkere positie voor de boa’s, met de bevoegdheden en de rugdekking die passen bij het werk dat we van hen vragen. Handhaving heeft het meeste effect op de plekken en de momenten waar het werkelijk misgaat.

Democratische rechtsorde en verbinding

Een stevig verschil van mening hoort bij een democratie. Bedreiging, haat, discriminatie en intimidatie niet. Polarisatie en radicalisering kunnen buurten, dorpen en families uit elkaar drijven. Daarom blijven wij investeren in ontmoeting en gesprek, juist waar mensen tegenover elkaar dreigen te komen staan. We blijven naar elkaar luisteren, maar trekken een harde grens bij bedreiging en geweld.

Jongeren: praten met hen werkt, praten over hen niet

“Jongeren lopen niet vást, ze lopen lós.” Deze opmerking maakte een jongerenwerker. Jongeren komen niet vanzelf naar ons toe, dus moet de gemeente naar hen toe. Een folder ophangen doet weinig en een eenmalige actie ook. Dit is werk van de lange adem: erbij zijn, langsgaan, luisteren, doorvragen en over een half jaar nog steeds langsgaan. Voorlichting doen we waar jongeren toch al komen. Op de training, in de kantine, in de klas. Verenigingen willen hierin een rol spelen en jongeren zelf zijn vaak de beste boodschappers. Verhalen van mensen die het hebben meegemaakt doen meer dan cijfers. Het is belangrijk om jongeren weerbaar te maken tegen criminaliteit.

Sinds 2023 geldt in ons hele uitgaanscentrum een verbod op het gebruik van alcohol en drugs in de openbare ruimte, net als op alle schoolpleinen en op dertig aangewezen plekken daarbuiten, waaronder dertien speelplaatsen en zelfs de directe omgeving van een jongerencentrum. Elk van die aanwijzingen valt goed uit te leggen. Maar bij elkaar vormen zij een net en een net heeft mazen. Wat overblijft zijn de stille, beschutte plekken in woonbuurten, waar geen handhaver iets kan en waar bewoners juist rust verwachten. Zo verschuift de overlast van de plekken met toezicht naar de plekken waar mensen wonen.

Daarom willen wij dat het jongerenwerk zich daarop moet richten. Specialistisch jongerenwerk dat de jongeren opzoekt op de plekken waar zij zijn. Het antwoord is daarom niet eindeloos wegsturen, maar met de jongeren in gesprek gaan en daarna een goede plek aanwijzen. En is die plek er, dan kan er ook gehandhaafd worden. In Kortenhoef en rond het Wasmeer speelt dat al langer. Wie 15 jaar is heeft net zo goed een plek nodig.

  • Het jongerenwerk gaat naar de jongeren toe en biedt herkenbare plaatsen waar jongeren naartoe kunnen, zoals bijvoorbeeld de Basement. Daar horen jongerenwerkers bij die de jeugd en de omgeving kennen en die worden gekend en vertrouwd. Criminaliteit wordt uiteraard bestraft, maar jongeren moeten ook het vertrouwen krijgen dat ze hulp kunnen vragen waar ze zelf vastlopen, een verkeerde keuze gemaakt hebben, of onder druk staan.
  • Er komt geen nieuw verbodsgebied bij zonder dat tegelijk een (bestaande) plek wordt aangewezen waar jongeren wél welkom zijn.
  • Voorlichting over drugs, wapens en online veiligheid geven we waar jongeren toch al zijn: op de training, in de kantine en op school, met jongeren of ervaringsdeskundigen zelf als boodschapper.
  • In de dorpen komen geen coffeeshops en in Hilversum dringen we, waar de mogelijkheid zich voordoet, het aantal coffeeshops verder terug.
  • In Kortenhoef, in Oost en in Nederhorst den Berg gaan we met jongeren in gesprek over het realiseren van een hangplek.
  • Bij overlast en uitgaansproblemen kiezen wij voor duidelijkheid vooraf: heldere regels, snel optreden en een consequent vervolg.
  • Radicalisering kan meerdere vormen aannemen en kan het gevoel van veiligheid beïnvloeden. In onze samenleving is geen plaats voor welke vorm van radicalisering dan ook.

Voorbereid als het erop aankomt

Een langdurige uitval van stroom, drinkwater, internet of betalingsverkeer raakt ons allemaal. De gemeente en hulpdiensten kunnen dan niet overal tegelijk zijn. Daarom werken wij samen met de veiligheidsregio, nutsbedrijven, zorgorganisaties, scholen, kerken, dorps- en buurthuizen, verenigingen en ondernemers aan een praktische voorbereiding op noodsituaties. In onze dorpen en wijken komt een herkenbaar netwerk van noodsteunpunten waar inwoners informatie en eerste hulp kunnen krijgen. We hebben extra aandacht voor inwoners die zichzelf niet gemakkelijk kunnen redden en helpen inwoners zich voor te bereiden op de eerste 72 uur van een crisis.

Veilige jaarwisseling met ruimte voor tradities

Het landelijke vuurwerkverbod geldt vanaf de jaarwisseling 2026/2027. Carbidschieten valt niet onder het consumentenvuurwerk en is een traditie die, mits veilig georganiseerd, in het buitengebied een plaats kan behouden.

  • Wij willen carbidschieten buiten de bebouwde kom mogelijk maken op geschikte locaties en binnen duidelijke tijden en veiligheidsvoorwaarden.
3
Hoofdstuk 3

Wonen

Wij bouwen voor de toekomst van onze dorpen en wijken. Omdat een dorp zonder jonge gezinnen zijn school verliest, omdat een wijk zonder betaalbare woningen zijn onderwijzers en verpleegkundigen kwijtraakt en omdat wie hier is opgegroeid hier ook zijn eerste woning moet kunnen vinden en wie hier prettig oud wil worden in een passende woning kan wonen. Woningbouw is het middel. Een vitale gemeenschap is het doel.

Wij bouwen voor onze gemeenschappen

Wij vinden dat de gemeente nieuwe woningen en vrijkomende sociale woningen maximaal moet toewijzen aan inwoners uit de nieuwe gemeente Hilversum; voorrang voor wie hier is opgegroeid, hier werkt of hier voor iemand zorgt: mensen met een band met het dorp of de wijk, zoals de wet dat noemt met sociale of economische binding. En voorrang voor de mensen die onze gemeente draaiende houden: zorg, onderwijs, politie en brandweer. Om onze gemeenschap leefbaar te houden is het nodig de binding te behouden en versterken. We moeten bouwen, juist voor onze inwoners, maar we waken voor een ongelimiteerde bouw. Dit zorgt voor overbelastingen van het verkeer, ons erfgoed en onze natuur.

  • Wij kiezen voor autonome groei en bouwen voor de eigen behoefte: voorrang voor wie hier is opgegroeid, hier werkt of hier voor iemand zorgt en voor de cruciale beroepen, zowel bij koop als bij huur, met de volle wettelijke ruimte.
  • Per dorp en wijk komt er een heldere en actuele lijst van gronden, plannen en planningen, zodat inwoners weten waar zij aan toe zijn.
  • Voorzieningen groeien mee met de woningen: school, sportveld, groen, zorg en parkeren horen bij het plan en niet bij de nazorg. Bij nieuwe wijken en verdichting reserveren wij ruimte voor gemeenschapsruimten: het buurthuis, de vereniging, de ontmoetingsplek op kleine schaal. Echte verbinding ontstaat niet alleen op het plein, maar juist rond een activiteit.
  • Bij nieuwe plannen praten we vroeg met omwonenden en zijn we eerlijk over wat wel en niet meer verandert.
  • De komende periode gaan we keuzes maken met betrekking tot de betaalbaarheid van woningbouwprojecten.

Doorstroming is de sleutel

De snelste manier om aan een gezinswoning te komen is niet altijd een nieuwe gezinswoning bouwen. Het is zorgen dat de ouderen die er nu wonen een plek vinden waar ze naartoe willen. Veel jonge Hilversummers zoeken een andere woning en daarbij kijkt een groot deel alleen nog buiten onze gemeente. Dat terwijl circa 40% van onze woningen door één persoon wordt bewoond. De doorstroom stagneert.

Daarom bouwen wij wat er nu ontbreekt: we gaan optoppen, bouwen kleinschalige appartementen met genoeg leefruimte, levensloopbestendige woningen dichtbij de winkel en de huisarts. In de dorpen betekent dat vaak juist appartementen, want daarmee brengen we de doorstroming op gang die met laagbouw alleen niet lukt. We bouwen appartementen met voldoende oog voor ontmoeting: gemeenschappelijke buitenruimte, een gedeelde entree met karakter, ruimte voor de buren die je kent. Gestapeld wonen mag geen anoniem wonen worden. Wij maken ook ruimte voor meergeneratiewoningen, kangoeroewoningen, mantelzorgwoningen en wonen op erven, zodat families elkaar kunnen blijven helpen. Starters helpen we met de starterslening en met betaalbare nieuwbouw die past in de buurt. Wij verkennen de mogelijkheden om het instrument van de gesubsidieerde koopwoning (vroeger bekend als de Premie-A woning) nieuw leven in te blazen: betaalbare koopwoningen met voorrang voor mensen met een band met de gemeente.

Voordat we bouwen is het belangrijk om te weten waar de behoefte echt zit. Ouderen die willen verhuizen weten heel goed wat zij nodig hebben.

Er is één groep die in elk woondebat tussen wal en schip valt: de mensen die te veel verdienen voor een sociale huurwoning en te weinig voor een koophuis. De leraar, de verpleegkundige, de startende agent. Juist voor hen is de huurwoning in het middensegment bedoeld en juist daar knelt het. De landelijke Wet betaalbare huur wil huurders beschermen en dat is een goed doel, maar dat kent een keerzijde: verhuurders verkopen hun woningen en het aanbod middenhuur droogt verder op. Een gemeente verandert die wet niet, maar kan wel sturen. Bij elk woningbouwprogramma bewaken wij daarom het aandeel middenhuur, we maken daarover afspraken met corporaties en ontwikkelaars en we letten erop dat beleid dat op papier beschermt, in de praktijk het aanbod niet wegjaagt.

  • Bij elk woningbouwprogramma bewaken wij het aandeel middenhuur, zodat de leraar en de verpleegkundige niet tussen wal en schip vallen.
  • Wij bouwen wat de doorstroming op gang brengt: levensloopbestendige woningen en appartementen met genoeg leefruimte, dicht bij winkels en zorg.
  • Wie de starter wil helpen, moet voor de oudere bouwen: elke seniorenwoning maakt een verhuisketen los. Wij sturen op de woningvoorraad van morgen en niet alleen op de wachtlijst van vandaag.
  • Wij maken ook ruimte voor meergeneratiewoningen, kangoeroewoningen, mantelzorgwoningen en wonen op erven, zodat families elkaar kunnen blijven helpen.
  • Starters helpen we met de starterslening en met betaalbare nieuwbouw die past in de buurt.
  • Wij maken het makkelijker om een bestaande woning te splitsen waar het kan: minder regels, snellere vergunning. Eén grote woning kan zo twee huishoudens huisvesten, zonder één steen te leggen.

Bouwen met hoofd en hart: de tuinstad en de dorpen

Wonen in onze dorpen betekent wonen in een omgeving met een ziel. De tuinstad van Dudok, de plassen, het open landschap tussen de kernen, het illusielandschap waarin je vanaf de hei nauwelijks bebouwing ziet. Al dit moois willen wij, net als erfgoedverenigingen en het Goois Natuur Reservaat, beschermen.

Dus bouwen wij niet op de hei en niet in kwetsbare natuur, maar op de plekken waar het kan: bij het station, wij kijken naar herontwikkeling van bedrijventerreinen en van kantoorlocaties die aan vernieuwing toe zijn, boven winkels en op vrijkomende locaties in en om de dorpen.

Om vertraging in projecten te voorkomen gaan we naar voorbeeld van een aantal andere steden versnellen met een aanjaagteam. Dit gaan we doen op het stationsgebied, het Arenapark en de Meent. Het aanjaagteam bewaakt niet alleen de voortgang per project, maar ook de samenhang tussen projecten: woningbouw, voorzieningen, groen en mobiliteit horen één geheel te vormen.

Zorgvuldigheid vraagt ook om bewaking, over collegeperiodes heen. Voor hoogte hanteren wij het piramidemodel dat Hilversum groot heeft gemaakt: hoogte alleen waar de piramide haar top heeft, rond het spoor en het centrum, aflopend naar de groene randen. Daarbuiten past hoogbouw niet. We koesteren het illusielandschap en verdichting wordt getoetst aan twee vragen: gaat het niet ten koste van het groen en niet ten koste van wat Hilversum Hilversum maakt.

De bescherming van onze monumenten en beschermde gezichten zwakken wij niet af, want wie het erfgoed van Dudok als visitekaartje gebruikt, moet het ook onderhouden. En er komt weer een stadsbouwmeester. Die functie is er nu niet: de adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit en Monumenten adviseert per bouwplan, maar wie bewaakt het geheel, ook voor het nieuwe Hilversum? In de gemeente van Dudok hoort iemand over de hele tekening te waken.

  • De vernieuwing van het stationsgebied, het Arenapark, het Circusterrein en de Meent versnellen we met een aanjaagteam.
  • Wij bouwen niet op de hei, niet in de polder en niet in kwetsbare natuur. Echte hoogbouw hoort bij het station en de centrumzones, niet in groene wijken of dorpskernen.
  • Er komt weer een stadsbouwmeester die de langetermijnvisie op de tuinstad bewaakt, langs het piramidemodel en het illusielandschap. De bescherming van monumenten en beschermde gezichten zwakken wij niet af.
  • Wonen boven winkels maken we mogelijk door de regels die dat nu in de weg zitten weg te nemen.
  • De woonzorgvisie voeren we uit, zodat er woonvormen komen waar zorg dichtbij is.
Terpstraschool in Loosdrecht. De school wordt gerenoveerd met maatschappelijke bestemming voor zorg en er komen seniorenappartementen. Rechts: start van de bouw van appartementen aan de Elbert Mooijlaan in Kortenhoef.

In de dorpen staan de plannen klaar

Er zijn veel ambities om woningbouw in de dorpen te realiseren. Dit is voor de doorstroom en de leefbaarheid van cruciaal belang.

  • In Ankeveen kunnen op de gronden van de voetbalvereniging en de kerk woningen komen die gericht zijn op doorstroming binnen het dorp.
  • Aan de Blijklaan in Nederhorst den Berg vindt een grote ontwikkeling plaats. Wij juichen deze ontwikkeling toe. Met de nieuwe scholen, een dorpshuis en een sportzaal op deze plek wordt dit het hart van Nederhorst den Berg.
  • ’s-Graveland: wij zetten de woningbouwontwikkeling op het Kininelaantje voort.
  • Kortenhoef: wij werken aan passende woningbouw op de gronden van VLEK aan de Emmaweg. En we bouwen bij de mogelijkheden die ontstaan door de herontwikkeling van de scholen.
  • Nieuw-Loosdrecht: wij zetten in op woningbouw op De Rading 1, de locatie van het huidige gemeentehuis, en op de locaties van de voormalige Terpstraschool, de Dennenlaan, de voormalige bibliotheek aan de Tjalk en basisschool De Linde.
  • Oud-Loosdrecht: wij zorgen voor een zorgvuldige realisatie van de Porseleinhaven, met blijvende aandacht voor woningbouw, leefbaarheid, verkeer, parkeren en de uitstraling van het dorpshart.
4
Hoofdstuk 4

Verkeer en parkeren

Goede bereikbaarheid verbindt onze dorpen en wijken met elkaar. Het is cruciaal voor een bloeiende economie en samenleving. Het houdt bezoek mogelijk: thuis, bij voorzieningen en bij winkels. Het eerste uur gratis parkeren geeft lucht en zorgt ervoor dat we weer sneller bij elkaar op bezoek gaan. Verkeersveiligheid neemt zorgen weg bij ouders, zodat kinderen zelf naar school, sportveld of winkel kunnen fietsen.

Verkeersveiligheid

Door de drukte in het straatbeeld van Hilversum, vooral tijdens de spits, en de grote hoeveelheid fietsers (met verschillende snelheden) die de weg delen met automobilisten, ervaren we Hilversum als verkeersonveilig. Deze situatie zorgt er mede voor dat ouders hun kinderen minder snel naar school of sportvelden laten fietsen, wat weer extra druk op de wegen legt. Het is wat het CDA betreft dan ook tijd voor een deltaplan (fiets)verkeersveiligheid. Hierbij zorgen we voor vrijliggende fietspaden, maken we veilige oversteekplekken, met ruime fietsheuvels, zebrapaden, verkeerslichten of vernieuwende fietstunnels. Net wat passend is in de lokale omgeving, en altijd in overleg met omwonenden, scholen of sportverenigingen. Er komt een duidelijk meldpunt voor inwoners om verkeersonveilige situaties te melden, mét terugkoppeling wat er met de melding is gedaan. Binnen Hilversum kennen we de belangrijkste gevaarlijke punten en al deze wegen worden onderdeel van het deltaplan. Dit zijn de Gijsbrecht van Amstelstraat, de Emmastraat (inclusief afslag naar het Achterom), de Beresteinseweg, de Kleine Drift, de rotondes op het Oostereind, Utrechtseweg en Laapersveld. Ook in en tussen de dorpen is verkeersveiligheid een belangrijk thema. Er komt een deltaplan fietsverkeersveiligheid: alle bekende gevaarlijke punten pakken we aan. Denk aan de Kortenhoefsedijk, het Noordereind en Zuidereind, de Kwakel en de Dammerweg. We doen dit altijd samen met omwonenden, scholen en sportverenigingen.

  • Er komt een meldpunt voor verkeersonveilige situaties, met terugkoppeling over wat er met uw melding is gebeurd.
  • We voeren 30 km per uur in op wegen waar fietsers, voetgangers en auto’s samenkomen.

Parkeren voor een leefbare buurt en centrum

Het parkeerbeleid van Hilversum moet een balans vinden tussen beperkte ruimte in bepaalde delen van Hilversum, en de afhankelijkheid van de auto voor bijvoorbeeld bezoekers, vrijwilligers, mantelzorgers en ouderen. Binnen het winkelgebied willen we inzetten op het behouden of bieden van voldoende parkeergelegenheid. In het centrum door in te zetten op behoud van het Noordse Bosje als parkeermogelijkheid en te onderzoeken of een parkeergarage onder het marktterrein op langere termijn mogelijk is. In alle gebieden maken wij het eerste uur parkeren gratis. Bij even een kop koffie drinken bij familie, een snelle boodschap of je kinderen aanmoedigen bij het sporten past geen financiële drempel.

Daarnaast zorgt het huidige parkeerbeleid voor een verschuiving van de parkeerdruk naar de randen van Hilversum. Het gebied rond de Kastanjevijver, de Johannes Geradtsweg en de Kamerlingh Onnesweg wordt nu volop gebruikt door forenzen om te parkeren en naar het centrum te fietsen, wat in die gebieden juist voor extra parkeerdruk zorgt. Daarnaast moet het parkeerbeleid duidelijk en navolgbaar zijn. Om die reden gaan wij toe naar drie parkeerzones: het gebied binnen de centrumring, het gebied tussen de centrumring en de buitenring, en het gebied daarbuiten (met uitzondering van de Hilversumse Meent en Kerkelanden). Buiten het centrum worden de betaald parkeertijden aangepast van 9.00 tot 21.00 uur. De zondag blijft overal gratis. Deze zonering gaat over Hilversum. In de dorpen voeren wij geen betaald parkeren in.

Elk huishouden krijgt daarnaast per kwartaal 300 uur aan bezoekersuren, waarmee bezoek gratis kan parkeren. Mantelzorgers en vrijwilligers ontvangen zelf een parkeervergunning voor de locatie van de zorg of relevante vereniging.

Ten slotte zetten we in op strengere handhaving van foutparkeerders, waarmee we de leefbaarheid in de wijken en buurten willen vergroten.

  • Het parkeerbeleid wordt eenvoudig en navolgbaar: drie zones, één gratis parkeervergunning per huishouden buiten het centrum en 300 bezoekersuren per kwartaal.
  • Het eerste uur straatparkeren wordt gratis en op zondag blijft het overal gratis.
  • In de dorpen komt geen betaald parkeren. Parkeren blijft daar toegankelijk voor bewoners, bezoekers en ondernemers.
  • Mantelzorgers en vrijwilligers krijgen een parkeervergunning voor de plek waar zij zorgen of vrijwilligerswerk doen.

Openbaar en toegankelijk vervoer

Wie geen auto heeft of niet zelf kan rijden, moet ook mee kunnen doen. Daarom zetten wij ons samen met de provincie en vervoerders in voor betrouwbare verbindingen tussen de dorpen, Hilversum en de omliggende stations, ook ’s avonds en in het weekend. Bushaltes moeten veilig en toegankelijk zijn. Voor wie niet met de gewone bus kan reizen, blijft passend vervoer beschikbaar. Deelmobiliteit en de VechtplassenExpress zijn een welkome aanvulling, maar geen vervanging van goed openbaar vervoer.

Verkeersagressie aanpakken

Veel onveilige situaties ontstaan door asociaal verkeersgedrag. Door rood rijden, veel harder rijden dan toegestaan, tegen het verkeer in rijden of extra geluid produceren zijn situaties waardoor veel ongelukken ontstaan zijn, en waarbij de handhaving en pakkans momenteel klein is. Wanneer we willen inzetten op verkeersveiligheid is het van belang dat we dit asociale gedrag hard aanpakken. Dat betekent dat we snelheidsgereguleerde verkeerslichten met flitsers gaan inzetten. Daarnaast gaan we investeren in extra controles op (opgevoerde) fatbikes of scooters, en op onnodig geluid maken, zoals toeteren of harde uitlaten.

  • Asociaal verkeersgedrag pakken we aan met snelheidsgereguleerde verkeerslichten met flitsers en extra controles op opgevoerde fatbikes, scooters en onnodig lawaai.

Verkeer in onze dorpen

Wij voeren het vastgestelde Mobiliteitsplan Wijdemeren 2045 uit en actualiseren het uitvoeringsprogramma waar nieuwe ontwikkelingen en inzichten daarom vragen. Wij kiezen voor 30 km/u op wegen waar fietsers, voetgangers en auto’s samenkomen en niet veilig van elkaar kunnen worden gescheiden. In de dorpen voeren wij geen betaald parkeren in. De bereikbaarheid voor hulpdiensten, openbaar vervoer, boeren en lokale bedrijven blijft gewaarborgd.

  • Ankeveen: wij verbeteren de fietsveiligheid op Hollands End en Stichts End.
  • Kortenhoef: wij bewaken de uitvoering van de Kerklaan, voeren fase 2 van de herinrichting van de Kortenhoefsedijk uit en werken samen met inwoners en ondernemers aan een integrale oplossing voor de Smidsbrug.
  • ’s-Graveland: wij verbeteren de verkeersveiligheid en leefbaarheid op het Noordereinde en Zuidereinde. Samen met inwoners, Natuurmonumenten en andere grondeigenaren werken wij aan een passende inrichting, met oog voor fietsers en automobilisten en met behoud van monumentale bomen en het karakteristieke landschap.
  • Nederhorst den Berg: wij voeren de geplande aanpak van de Middenweg uit, pakken de verkeersveiligheid op de Dammerweg aan, zorgen voor veilige routes en oversteekplaatsen bij de Warinschool en Jozefschool en zetten in op het vergroten van de verkeersveiligheid van de Randweg.
  • Oud-Loosdrecht: wij verbeteren de verkeersveiligheid op de Oud-Loosdrechtsedijk en pakken de bereikbaarheid en parkeerdruk op recreatieve piekdagen aan.
  • Nieuw-Loosdrecht: wij verbeteren de verkeersveiligheid op de Rading, Molenmeent en Nieuw-Loosdrechtsedijk en rond het kindcentrum De Haven.
  • Breukeleveen, Muyeveld en Boomhoek: wij pakken snelheid, sluipverkeer en recreatieparkeren aan en houden de smalle dijken bereikbaar voor bewoners, ondernemers en hulpdiensten.

Parkeren en recreatiedruk in de dorpen

Bezoekers zorgen voor een bloeiende economie, maar recreatiedruk mag niet ten koste gaan van de veiligheid en leefbaarheid van inwoners.

  • Voor ieder zomer- en schaatsseizoen komt er een verkeers- en parkeerplan voor de drukste recreatiegebieden, waaronder De Zuwe (de Wijde Blik), de Oud-Loosdrechtsedijk, De Strook, Boomhoek en de omgeving van de Spiegelplas.
  • Wij zetten op piekdagen extra verkeersregelaars en handhavers in, houden routes voor hulpdiensten vrij en beschermen bermen, fietspaden en uitritten tegen foutparkeren. Bezoekers worden met actuele informatie en bewegwijzering naar geschikte parkeerplaatsen geleid.
  • De VechtplassenExpress wordt bij voldoende gebruik voortgezet en verder verbonden met parkeerplaatsen aan de randen, zodat bezoekers het laatste deel van hun reis zonder auto kunnen afleggen. Bij de bestemmingen zorgen wij ook voor voldoende veilige fietsparkeerplaatsen.

Hilversum in verbinding

Voor zowel de fiets als gemotoriseerd verkeer is het van belang dat de doorstroming wordt bevorderd. Waar doorgaand zwaar verkeer aantoonbaar overlast, opstopping en onveiligheid veroorzaakt, stellen we een vrachtverbod of venstertijden in en zorgen wij samen met politie en handhaving voor toezicht. Voor doorstroming op de ringwegen in Hilversum zoeken we naar innovatieve oplossingen, stimuleren we fietsverkeer om druk te ontlasten en houden we de lobby gaande om belangrijke knelpunten te agenderen die Hilversum niet alleen kan oplossen. Concrete verbeteringen moeten de komende periode snel worden aangepakt.

  • Hilversum moet verbonden blijven met de dorpen en steden om ons heen door veilige (snel)fietsroutes.
  • Doorgaand vrachtverkeer hoort zoveel mogelijk op provinciale wegen en niet op de smalle lintwegen door onze dorpen. Wij stellen duidelijke voorkeursroutes vast vanaf bedrijventerreinen, winkelcentra en grote bedrijfslocaties naar de N201, N236, N403 en N523. Boeren, lokale ondernemers, leveranciers en hulpdiensten moeten hun bestemming wel kunnen blijven bereiken.
  • Op de Kortenhoefsedijk en het Noordereinde (gedeeltelijk) en Zuidereinde weren wij zowel overdag als ’s nachts doorgaand vrachtverkeer. Daarbij blijft de noodzakelijke verbinding met Ankeveen en de bereikbaarheid van lokale bedrijven gewaarborgd.
5
Hoofdstuk 5

Natuur, duurzaamheid en leefomgeving

Wij hebben het Gooi en de Vechtstreek niet geërfd van onze ouders, maar te leen van onze kinderen. Dat betekent beschermen wat kwetsbaar is, verzorgen wat ons is toevertrouwd. En beginnen waar je staat: in je eigen straat, je eigen plantsoen, je eigen buurt.

Het mooiste stukje Nederland

Wie vanaf de hei om zich heen kijkt, ziet nauwelijks bebouwing: het Gooise landschap is ooit bewust zo vormgegeven dat je je op elke plek in een eindeloos natuurgebied kunt wanen. Dat illusielandschap is uniek. Dudok ontwierp met plantsoenmeester Meijer de tuinstad, waar groene vingers en zichtlijnen de natuur tot diep in de wijken trekken. Landschap en stad zijn hier in elkaar geweven. Het zorgt er mede voor dat gezinnen hier wortelen en dat mensen die hier opgroeiden terug willen komen.

Waar in Hilversum het illusielandschap uniek is, zijn het voor de dorpen het licht, de rust en de ruimte. Donkerte en stilte zijn natuurwaarden op zichzelf en wij houden daar rekening mee bij verlichting, bij evenementen en bij wat wij toestaan in het buitengebied.

  • Wij willen beschermen wat van waarde is: het illusielandschap houden we in stand, het open landschap tussen de kernen blijft open en met ontwikkelingen die de kwaliteiten van natuur en landschap aantasten zijn wij terughoudend. Want wat weg is komt niet terug.
  • Speelplekken worden groene oasen en speeltoestellen laten we goed onderhouden, veilig en uitnodigend zijn.

Verzorgd groen is ook rentmeesterschap

Natuurlijk beheer is belangrijk, bijvoorbeeld voor biodiversiteit, maar vraagt aandacht en vakmanschap, net als een strak plantsoen. Natuurlijk is niet hetzelfde als verwaarloosd. Daarom maken wij het onderhoudsniveau per wijk en dorp inzichtelijk. Met structureel budget en bewuste keuzes waar natuurlijk beheer past (bermen, natuurranden) en waar verzorgd groen hoort (plantsoenen, lanen, speelplekken). Meldingen over de openbare ruimte worden navolgbaar opgepakt. Meer groen komt erbij waar het nu ontbreekt: meer bomen en minder verstening in de dichtbebouwde wijken, groene schoolpleinen en speeltuinen en een inrichting die tegen hitte, droogte en hoosbuien kan, met wateropvang als standaard. Biodiversiteit krijgt een vaste plek: inheemse beplanting in bermen, parken en plantsoenen, zodat verzorgd groen ook levend groen is. En inwoners betrekken we actief bij de vergroening van hun eigen straat en buurt. We zetten de vergroening van speeltuinen verder voort.

Berijpte heide bij zonsopkomst

Hitte in een stedelijke omgeving vraagt om actie. De zomers worden warmer. Waar veel stenen liggen, loopt de temperatuur op. Voor ouderen die alleen thuis wonen, voor kleine kinderen en voor mensen met een zwakke gezondheid zijn hete dagen een risico. Wij kiezen daarom voor koelte die je kunt gebruiken. Schaduw is het goedkoopste koelmiddel dat er is en die komt van bomen en niet van techniek. Wij vergroenen met voorrang de plekken waar het het warmst is en waar mensen toch moeten zijn: winkelstraten, pleinen, schoolpleinen en de routes naar de winkel, de huisarts en de bushalte. Elke herinrichting is een kans, want als de straat toch open ligt, maken we hem koeler en groener dan daarvoor. Wanneer een boom gekapt moet worden, plaatsen we waar mogelijk volwassen bomen terug. En in elke wijk hoort een plek te zijn waar je op een hete dag verkoeling vindt. We onderzoeken de mogelijkheden om een maximaal verhardingspercentage bij nieuwbouw op te nemen, en leggen zo min mogelijk asfalt maar bestraten waar mogelijk om waterdoorlating te bevorderen. Dit om te voorkomen dat tuinen vol liggen met steen, wat niet helpt bij onze wateropgave.

  • Met elke wijk en elk dorp spreken we een onderhoudsniveau voor het groen af dat u kunt inzien. Daar hoort structureel budget bij.
  • We planten bomen en halen tegels weg in de wijken die versteend zijn, we maken schoolpleinen groen en we richten straten zo in dat ze tegen hitte en hoosbuien kunnen.
  • Wij vergroenen met voorrang waar het het warmst is.
  • In elke wijk komt een plek waar je op een hete dag verkoeling kunt vinden. We stellen een hitteplan op.
  • Elke herinrichting is een kans: wie de straat toch openbreekt, legt hem koeler en groener terug.
  • We onderzoeken de mogelijkheden om een maximaal verhardingspercentage bij nieuwbouw op te nemen, en leggen zo min mogelijk asfalt maar bestraten waar mogelijk om waterdoorlating te bevorderen.

Water en buitengebied

De nieuwe gemeente is ook een watergemeente: de Loosdrechtse, Ankeveense en Kortenhoefse Plassen, de Spiegelplas en de Vechtstreek horen bij de mooiste natte natuur van Nederland. De waterkwaliteit van de plassen verdient blijvende aandacht, samen met het waterschap, de provincie en de recreatiesector. Veel van ons landschap is niet van de gemeente maar van terreinbeheerders zoals Natuurmonumenten en het Goois Natuurreservaat. Speelt er iets tussen zo’n beheerder en een dorp, dan gaat de gemeente niet aan de zijlijn staan maar voert zij dat gesprek samen met het dorp. Het buitengebied heeft een toekomst mét de boeren: agrariërs zijn de dragers van het landschap en verdienen duidelijkheid en perspectief in plaats van stapeling van regels. Lokale initiatieven zoals voedselbossen en fruitboomprojecten geven inwoners een eigen aandeel in het groen. De projecten van de Appelboom waar mensen hun eigen groenonderhoud doen zijn hier een mooi voorbeeld van.

  • Samen met het waterschap, de provincie en de recreatiesector blijven we werken aan schoner water in de Loosdrechtse Plassen en de Vechtstreek.
  • Van het land naar het bord: we geven ruimte aan boeren, coöperaties en regionale producten, want wat dichtbij groeit is verser en houdt het landschap productief.
Schaatsers op de Loosdrechtse Plassen, van bovenaf gezien

Duurzaam met draagvlak, niet met dwang

Verduurzamen doen we mét inwoners, in hun tempo en naar hun keuze. De duurzaamste energie is de energie die je niet gebruikt: isoleren eerst, wijk voor wijk, met praktische hulp bij subsidies en extra aandacht voor VvE’s, monumenten, starters en senioren. Zonnepanelen horen op woningen, bedrijfshallen, maatschappelijk vastgoed en parkeerterreinen en niet in de natuur: geen grootschalige windturbines op de hei en geen zonneweides in de polder. Warmtenetten steunen we waar ze technisch passen en financieel verantwoord zijn; haalbaar, betaalbaar en betrouwbaar zijn de toetsstenen. Lokale energiecoöperaties en bewonersinitiatieven krijgen onze steun, zodat opbrengsten zoveel mogelijk in de gemeenschap blijven. Draagvlak is daarbij wel de voorwaarde.

  • Het initiatief voor een gedragen energiegemeenschap in Breukeleveen steunen wij.
  • Isoleren eerst, wijk voor wijk, met hulp bij subsidies. Extra aandacht is ervoor wie het niet alleen kan regelen: VvE’s, monumenteigenaren, starters en senioren.

Geen grootschalige windturbines aan de Vecht of op de hei

Wij blijven ons verzetten tegen grootschalige windturbines in de Hoeker- en Garstenpolder, direct tegenover Nederhorst den Berg. Het CDA nam in 2025 mede het initiatief om de gemeenteraad hiertegen stelling te laten nemen. Samen met inwoners, de gemeente Stichtse Vecht, omliggende gemeenten en de provincie Noord-Holland blijven wij richting de provincie Utrecht alle beschikbare bestuurlijke en juridische mogelijkheden benutten. Het woon- en leefklimaat, de natuur en het karakteristieke Vechtlandschap mogen niet ondergeschikt worden gemaakt aan een grootschalig plan dat van bovenaf wordt opgelegd. Hetzelfde geldt voor het behoud van het illusielandschap. Geen windmolens op of rondom de hei.

Dit betekent niet dat wij tegen iedere vorm van windenergie zijn. Aan een kleinschalige windmolen bij een agrarisch bedrijf zijn wij bereid mee te werken, mits deze past bij de schaal van het erf en het landschap. Omwonenden moeten vroegtijdig en serieus worden betrokken, overlast voor de omgeving moet worden beperkt en er moet voldoende lokaal draagvlak zijn. De opgewekte energie is bij voorkeur bestemd voor het bedrijf zelf of de directe omgeving. Zo kiezen wij voor lokaal maatwerk en duurzame energie van onderop.

Circulair

CDA Hilversum wil dat de lokale overheid helpt door bewustwording en verbinding te zoeken tussen bedrijven, organisaties zoals Hilversum100 en lokale initiatieven die met circulaire economie bezig zijn. De ruil- en deeleconomie groeit, co-financiering en crowdfunding nemen toe.

  • Wij willen kortere ketens van het land naar het bord. Wat je van dichtbij haalt is verser, lekkerder en vaak minder belastend voor het milieu. Daarom stimuleren wij lokale coöperaties van boeren, winkeliers en consumenten om regionale producten op de markt te brengen en zo bij te dragen aan een sterke lokale en circulaire economie.
  • CDA Hilversum wil dat de lokale overheid helpt door bewustwording en verbinding te zoeken tussen bedrijven, organisaties en lokale initiatieven die met circulaire economie bezig zijn.
  • Wij kiezen voor een afvalbeleid, waarin hergebruik van materialen als glas, papier, plastics, elektrische apparaten en textiel voorop staat.
  • De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld en koopt duurzaam, circulair en zoveel mogelijk lokaal in.
  • We brengen onze dienstverlening voor het inzamelen van afval naar een hoger niveau: minder lange wachttijden en lagere grof tarieven. Afvaldumping wordt stevig bestraft.

Energie voor morgen

Ondertussen groeit de vraag naar stroom onstuitbaar: richting 2050 verdubbelt het elektriciteitsverbruik in onze gemeente en nu al zit het elektriciteitsnet vol. Netcongestie raakt ondernemers die willen uitbreiden, woningbouw, scholen die willen verduurzamen en wijken die van het gas willen. Daarom krijgt verzwaring van het elektriciteitsnet prioriteit, zetten we in op lokaal energie delen en zorgen we ervoor dat inwoners meeprofiteren van lokale opwek.

Maar zon en besparing alleen gaan die verdubbeling niet dragen. Niet zonder het landschap vol te zetten met turbines en panelen. En dat weigeren wij. Daarom kijken we verder. Op initiatief van het CDA besloot de raad met brede steun om de mogelijkheden van een kleine kernreactor (SMR) te verkennen: een stabiele, CO2-vrije energiebron die ons landschap spaart. Die verkenning maken wij af zoals de raad haar bedoelde: regionaal, met het volledige grondgebied van de nieuwe gemeente in beeld, met maatschappelijke acceptatie en veiligheid als harde voorwaarden en met gebruik van de rijksmiddelen die voor haalbaarheids- en locatiestudies klaarstaan. Wat wij uit die verkenning al weten: de kleine reactoren die bij de vraag van onze gemeente passen, bestaan nog niet. De eerste komen in Nederland rond 2040 op de markt. Niet de gemeente bouwt zo’n reactor, dat doet een initiatiefnemer; de gemeente maakt het mogelijk of niet. Wie dan mee wil doen, moet zich nu voorbereiden. Dat doen wij: kernenergie krijgt als mogelijke energiebron voor de regio een plek in de nieuwe omgevingsvisie en het omgevingsplan houdt ruimte voor een geschikte locatie, zodat die niet wordt weggebouwd voordat de keuze aan de orde is.

  • Zonnepanelen leggen we op daken en niet in de natuur. Op de hei komen geen windturbines en in de polder geen zonneweides.
  • Verzwaring van het stroomnet krijgt prioriteit. We zetten in op lokaal energie delen, en dat de opbrengst van lokale opwek bij inwoners terechtkomt.
  • De regionale verkenning van een kleine kernreactor (SMR) maken we af zoals de raad haar bedoelde: met het hele grondgebied in beeld, met de acceptatie van inwoners als voorwaarde en met het rijksgeld dat ervoor klaarstaat.
  • De gemeente geeft zelf het goede voorbeeld en koopt duurzaam, circulair en zoveel mogelijk lokaal in.
  • En we maken het meetbaar: duidelijke doelen en heldere indicatoren, zodat u kunt zien wat werkt en waar we bijsturen.
6
Hoofdstuk 6

Zorg en samenleving

Wij geloven dat mensen voor elkaar willen zorgen en dat de gemeente er is om dat mogelijk te maken, niet om het over te nemen. Maar ook weten we dat de zin van het bestaan gaat over de zorg voor de ander. Dit hoofdstuk is niet alleen geschreven voor mensen die zorg nodig hebben. Het gaat over iedereen. In de regio Gooi en Vechtstreek is de brede welvaart de hoogste van Nederland; we zijn nog nooit zó welvarend geweest. Maar we zijn ook nog nooit zo eenzaam geweest. Er zijn nog nooit zoveel kinderen met een jeugdhulptraject geweest en de mentale gezondheid was nog nooit zo slecht. We hebben lang gedacht dat geld, sociale media en snelle zorg ons gelukkiger zouden maken. Het heeft anders uitgepakt. Het moet daarom anders. En het kan ook anders. De afgelopen jaren heeft het CDA het initiatief genomen om de zorg te veranderen: van een stelsel dat wacht op een indicatie naar een gemeenschap die eerder klaar staat. Meer mensen kregen hulp, en méér mensen hielpen een ander.

Omzien naar elkaar

Door de wijk rijdt een buurtmobi. Achter het stuur een vrijwilliger, naast hem een buurvrouw die anders de deur niet meer uitkwam. Onderweg naar het buurthuis, waar door vrijwilligers een maaltijd wordt geserveerd. Geen indicatie, geen aanvraag, geen wachtlijst. Een buurman die tijd heeft en een buurvrouw die weer meedoet. Dat is het hart van de omslag die de afgelopen vier jaar in gang is gezet. Gedragen door de buurt. En waar het nodig was gefaciliteerd door de gemeente.

Op steeds meer plekken in onze gemeente wordt zorg verleend zonder indicatie, als algemene voorziening. Professionals en buurtbewoners ondersteunen buurtbewoners. En terwijl méér mensen hulp kregen, stegen de kosten niet evenredig mee. Het is niet alleen goedkoper. Het is vooral menselijker.

De overheid neemt niet over, maar maakt mogelijk. Omzien naar elkaar begint niet bij de overheid, maar in de straat, de vereniging, het dorpshuis en de kerk. De gemeente werkt samen met huisartsen, het ziekenhuis, de ggz en de buurtteams, en steunt wat inwoners zelf opzetten en gaat er niet voor in de plaats staan. Nergens komt dat omzien naar elkaar scherper naar voren dan wanneer we spreken over eenzaamheid. Eenzaamheid, misschien wel het ergste dat een mens kan overkomen. De Hilversumse aanpak is vooruitstrevend. We zetten het actieprogramma ‘Samen zijn we sterker’ door en maken er extra middelen voor vrij. We versterken de vrijwilligerscentrale en de organisaties die daar dag in dag uit het werk voor doen.

  • Zorg is voor iedereen toegankelijk waar het kan, indicatie alleen waar het moet. Lichte, laagdrempelige hulp vind je in de buurt; zware zorg zetten we in als het echt nodig is, en dan snel en volwaardig.
  • Waar langdurige ondersteuning nodig is, hoeft niet elk jaar opnieuw een aanvraag de deur uit en de gemeente werkt vanuit vertrouwen.
  • Collectief waar het kan, individueel waar het moet. Veel van wat mensen nodig hebben is ritme, contact, ergens bij horen. En dat komt beter tot zijn recht in een groep dan aan een bureau. Wie eenzaam is, is niet geholpen met een indicatie voor een gesprek, maar door ergens te komen waar bijvoorbeeld samen wordt gekookt, gesport of geschilderd en waar je gemist wordt als je er niet bent. En in een groep ben je niet alleen ontvanger van zorg; je doet ertoe. En je wordt uitgenodigd om mee te doen.
  • Mantelzorgers dragen de zwaarste zorg van allemaal. Hen steunen we zichtbaar en dichtbij huis. Dat geldt ook voor de naasten die vaak vergeten worden: partners en ouders van mensen die extra zorg of ondersteuning nodig hebben.
  • Eenzaamheid blijft speerpunt van het hele gemeentelijke beleid: het actieprogramma ‘Samen zijn we sterker’ zetten we door en we maken er extra middelen voor vrij. Hilversum blijft landelijk koploper en neemt het initiatief voor nieuwe aanpakken.
  • Hilversum communiceert helder, zowel digitaal als op papier, over zorg en maatschappelijke thema’s zoals mentale gezondheid, overadvisering en socialmediagebruik. Begrijpelijke en bereikbare informatie is vaak het begin van de stap naar gezonder gedrag. We gebruiken een onconventionele manier en investeren fors in communicatie bij levensgebeurtenissen. Taboes rondom mentale gezondheid maken we bespreekbaar.
  • Gesubsidieerde organisaties met personeel indexeren we volgens de cao, zodat hun subsidie niet stilletjes uitholt.
  • De vrijwilligerscentrale breiden we uit naar onze dorpen.
  • In het welzijnswerk en in onze communicatie richten we ons nadrukkelijker op de dragers van de samenleving: de mensen die anderen meenemen.
  • De afgelopen periode is het suïcidepreventiebeleid stevig verankerd in de gemeente Hilversum en in de Regio. Samen met allerlei partners, zoals Tergooi, de GGD, Versa, scholen, ProRail en 113 investeert de gemeente in bewustwording en kennisdeling. Dit gaan we verder versterken en investeren we extra in bewustwording. Zo maken we een taboe bespreekbaar. Want erover praten is de belangrijkste interventie.

Van etiket of stempel naar meedoen

Er zijn nog nooit zoveel kinderen met een jeugdhulptraject geweest als nu. En dat in de welvarendste regio van het land. Het systeem en de samenleving zijn vastgelopen.

Bij de jeugd valt het meest te winnen. Hoe eerder we een probleem zien, hoe lichter de hulp die volstaat en hoe minder een kind vast komt te zitten in een traject dat het niet nodig had. De jeugdgezondheidszorg, het schoolmaatschappelijk werk, de praktijkondersteuner bij de huisarts en de lokale buurtteams zijn daarin onze ogen en oren; die samenwerking versterken we, net als de aansluiting tussen jeugdzorg en onderwijs. Maar we durven ook een grens te trekken, niet elke hobbel in het opgroeien is een zorgvraag. Niet alle geïndiceerde zorg is goed voor een kind.

Door dat onderscheid scherp te houden en duidelijke afspraken te maken met scholen, huisartsen en andere verwijzers, houden we grip op de jeugdzorg. Voor het kind, en voor het geld dat we met elkaar opbrengen, dat we verantwoord besteden en waar nodig beschermen tegen fraude en criminaliteit.

De school speelt een cruciale rol in de ontwikkeling van een kind. Zowel als het gaat over preventie, vroegsignalering en doorlopende ontwikkellijnen.

Tegelijkertijd blijft de opgave om samenwerking met het onderwijs verder te verdiepen en structureel te verankeren, vooral op het snijvlak van onderwijs, jeugdhulp en inclusie.

We vragen ook de omgeving om mee te doen. De ouders, maar ook de buren. Net als toen wij vroeger opgroeiden met ooms en tantes in onze wijk, zoeken we nu leun- en steungezinnen. We investeren in werving en training. Zo wordt omzien naar elkaar weer van ons allemaal. It takes a village to raise a child.

De mentale gezondheid stond onder jongeren nog nooit zo onder druk. Daar helpt geen loket tegen. Het helpt een jongere als die zich gezien voelt: een plek in de wijk, een jongeren- of sportcoach die hem kent, een club waar hij erbij hoort. In die weerbaarheid investeren we. En we durven iets ongemakkelijks te zeggen over de telefoon in elke broekzak. Niet uit angst voor techniek, maar omdat een kinderhoofd rust nodig heeft. Onze oproep “Geef je kind (nog) geen smartphone” was daarin een begin; opgroeien met minder scherm blijven we stimuleren, samen met scholen en ouders.

Gezondheid begint namelijk niet in de spreekkamer. Ze begint bij wat we eten, of we bewegen, en of er iemand is die vraagt hoe het gaat. Het CDA maakt de gezonde keuze de makkelijke keuze: gezond eten eenvoudiger maken, sport en bewegen dichtbij en toegankelijk voor ieder inkomen. Het gezondheidsbeleid dat we hebben ingezet, verankeren we in álle domeinen van de gemeente, want gezondheid wordt net zo goed bepaald door wonen, werk en de inrichting van de wijk als door de zorg zelf. Dat in combinatie met de nieuwe gemeente met veel heide, groen en water, dan ligt de gezondste gemeente van Nederland binnen bereik.

  • In elke buurt waar jongeren een plek missen, komt er een: samen met de jongeren en met omwonenden gekozen en ingericht, op een plek die tegen geluid kan. Voor kinderen bestaat een norm voor speelplekken en voor jongeren maken wij die. Initiatieven als Young Hilversummers zijn daarbij onze partner.
  • Het Scheidingsloket bouwen we verder uit, zodat gezinnen bij een scheiding vroeg ondersteuning vinden en kinderen buiten de strijd blijven.
  • Preventieve jeugdzorg dichtbij huis: vroegsignalering via jeugdgezondheidszorg, schoolmaatschappelijk werk en de praktijkondersteuner, en heldere afspraken met huisartsen en verwijzers om grip op de jeugdzorg te houden.
  • Investeren in de mentale gezondheid en weerbaarheid van jongeren, met plekken in de wijk en jongeren- en sportcoaches. Opgroeien met minder scherm stimuleren we samen met scholen en ouders.
  • De school wordt centraal gesteld in onze aanpak. We brengen daar de juiste zorg en ondersteuning.
  • We maken extra middelen vrij voor leun- en steungezinnen.

Iedereen doet mee

In de welvarendste regio van Nederland zou je denken dat iedereen meekomt. Maar het tegendeel is het geval. Er zijn veel mensen zonder werk, gezinnen met schulden en soms iemand die ’s nachts geen dak boven zijn hoofd heeft. Meedoen is voor het CDA de basis van een gemeenschap: iedereen doet ertoe en niemand valt buiten de boot.

Meedoen begint bij werk. Werk zorgt voor ritme, contact en het gevoel dat je nodig bent. Daarom bieden we inwoners met een bijstandsuitkering waar het kan een basisbaan: geen wachtstand, maar perspectief. Op initiatief van het CDA zijn de eerste basisbanen een feit en dat wordt de komende periode verder uitgebouwd. Werk is de kortste weg terug in de samenleving en vaak ook uit de eenzaamheid.

We moeten er eerder bij zijn. Armoede komt zelden alleen: ze brengt schulden mee, isolement, en jongeren worden verleid om te kiezen voor het snelle geld in plaats van het trage geld van een eerlijke toekomst.

Door vroeg te signaleren, samen met scholen, jeugdzorg en partners in de wijk zien we problemen eerder. Het kan ervoor zorgen dat mensen minder vastlopen.

  • Basisbanen breiden we uit. Armoede en schulden signaleren we vroeg, uithuiszetting van gezinnen voorkomen we. En niemand slaapt buiten.
  • De aanpak Bouwdepot, waarmee dak- en thuisloze jongeren met een eigen budget aan hun toekomst bouwen, breiden we uit.
  • Samen met het onderwijs en de bibliotheek wordt er een nieuwe aanpak voor laaggeletterdheid ontwikkeld.
  • Uithuiszetting door schulden voorkomen we, zeker als er kinderen in het gezin zijn. Een kind hoort niet de rekening te betalen voor problemen die het niet heeft gemaakt. Dakloosheid tekent een mens, sociaal en psychisch, en maakt elk probleem groter.
  • We zorgen voor voldoende opvangcapaciteit. In de gemeente Hilversum hoeft niemand buiten te slapen.
  • Meedoen geldt ook voor wie hier net is komen wonen. Wie nieuw is in de straat, kent nog niemand om iets aan te vragen en vraagt dus niets. Daarom ontvangen we nieuwe inwoners met een avond in de wijk en waar het kan een buddy die de weg wijst.
  • We sturen op een toekomstgericht ontwikkelbedrijf, waar meer focus komt op arbeidsontwikkeling. Dit komt in plaats van de huidige Tomin.
7
Hoofdstuk 7

Waardig ouder worden

Ouder worden is een levensfase waarin mensen blijven bijdragen, zorgen, leren, geloven, genieten, rouwen, twijfelen en opnieuw beginnen. Wij staan voor een samenleving waar wanneer het nodig is, er iemand voor je is.

Waardig ouder worden begint bij een zorgzame gemeenschap

Het begint bij buren die elkaar kennen. Bij een wijkcentrum waar je binnenloopt en een dorpshuis waar mensen elkaar vasthouden. Bij een kerk, een vereniging, een sportclub of een bibliotheek waar iemand merkt dat je er even niet was. Bij een huisarts die weet wat er speelt. Bij een verpleeghuis dat niet met de rug naar de wijk staat, maar de deuren opent naar de buurt.

Het CDA maakt van het programma Waardig ouder worden een speerpunt. Richting 2040 is ongeveer een kwart van onze inwoners 65 jaar of ouder.

De afgelopen periode is er veel in gang gezet. Met de uitvoeringsagenda Ouder worden is het onderwerp opgeschoven van een zorgthema naar een gezamenlijke opgave van wonen, welzijn, mobiliteit, gezondheid, openbare ruimte en samenleving. Er kwamen aparte agenda’s voor mantelzorg, eenzaamheid, gezondheid en vrijwillige inzet. Dat is belangrijk, want ouder worden gebeurt juist op die snijvlakken. Wie zijn rijbewijs kwijtraakt, kan het gevoel van vrijheid verliezen. Wie met pensioen gaat, wint vrijheid en verliest ritme. Wie zijn partner verliest, heeft verdriet en soms ook praktische hulp, ontmoeting en nieuwe verbinding nodig. Deze ingezette lijn zetten wij graag voort.

  • Wij investeren fors extra in de actieprogramma’s ouder worden, eenzaamheid, vrijwillige inzet, mantelzorg.
  • Afgelopen periode is er een stevige mantelzorgagenda gekomen en die zetten wij voort, met zichtbare steun dichtbij huis en extra aandacht voor respijtzorg, werkende mantelzorgers, jonge mantelzorgers en mantelzorgers van mensen met dementie.
  • Van de gemeente als geheel willen wij dat zij dementievriendelijk wordt ingericht, zodat de winkelier, de buschauffeur en de sportvereniging weten wat zij kunnen doen.
  • Wij hebben aandacht voor voldoende activiteiten voor eenieder die daar behoefte aan heeft in ziekte en gezondheid.

In elke wijk en elk dorp een aanlandplek

Wij willen in elke wijk en elk dorp minimaal één herkenbare plek waar je kunt aanlanden. Dat hoeft bijna nergens een nieuw gebouw te zijn, want meestal is de plek er al: een wijkcentrum, een dorpshuis, een kerk, een woonzorglocatie, een buurtkamer, een sportkantine, een bibliotheekpunt of een bewonersinitiatief.

Een aanlandplek is een plek waar je zonder schaamte binnenloopt. Voor ontmoeting, voor informatie, voor een activiteit, voor steun als mantelzorger, voor hulp bij digitale vragen, voor een gesprek na verlies, voor een zinvolle invulling van de dag of voor de weg naar de huisarts, het welzijnswerk of de wijkverpleging. Maar ook voor hulp. Misschien is dat wel het belangrijkste. Het kenmerk is simpel: de deur staat open en elke vraag krijgt een vervolg.

  • In elke wijk en elk dorp komt minimaal één herkenbare aanlandplek, bij voorkeur op een plek die er al is, waar de deur openstaat en elke vraag een vervolg krijgt.

Blijven wonen waar je geworteld bent

Wie zijn leven heeft opgebouwd in een wijk van Hilversum of in Loosdrecht, Kortenhoef, ’s-Graveland, Ankeveen, Breukeleveen of Nederhorst den Berg, hoort daar ook oud te kunnen worden. Dat vraagt om kleinschalige woningbouw met voorrang voor mensen uit het dorp of de wijk zelf en om woonvormen waar zorg dichtbij is. We gaan met de ouderenorganisaties in gesprek om te bespreken wat goede alternatieven zijn voor wie zelfstandig wil blijven wonen zonder de zorg voor een heel huis. Dat is meteen de beste motor onder de doorstroming.

Ouderen moeten veilig naar de winkel, de huisarts, de apotheek, het wijkcentrum en de bushalte kunnen. Dat vraagt om vlakke stoepen, geen hindernissen als auto’s op de stoep, groen dat niet over het pad hangt, bankjes onderweg, schaduw, veilige oversteekplaatsen en gebouwen waar je binnenkomt. Ouderenbeleid gaat dus net zo goed over de inrichting van de wijk als over zorg. Die schaduw wordt bovendien belangrijker. Op hete dagen zijn het juist ouderen die thuisblijven omdat de route naar de winkel of de bushalte geen enkele koele plek kent, en dan wordt een warme zomer een gezondheidsvraag.

En het gaat over vervoer. Buurtmobiliteit zoals de MeentMobiel, Buurtmobi en de Buurtrijder laat zien hoe vrijwillige inzet, mobiliteit en ontmoeting elkaar versterken. Wij steunen deze initiatieven.

  • De openbare ruimte maken wij begaanbaar: vlakke stoepen, bankjes onderweg, schaduw, veilige oversteekplaatsen en toegankelijke gebouwen.
  • Wij bouwen kleinschalig en levensloopbestendig, met voorrang voor mensen uit het dorp of de wijk zelf en voeren de woonzorgvisie uit.

Een pact met afspraken

Wij willen een lokaal pact Waardig Ouder Worden sluiten met de partijen die het werk doen: Vivium, Inovum, HilverZorg, Amaris, huisartsen, wijkverpleging, welzijn, woningcorporaties, ouderenorganisaties, vrijwilligers, kerken, dorpshuizen, sport en cultuur. Maar ook onderwijs en kinderopvang. Wat ons betreft levert dat concrete afspraken op per wijk en per dorp.

Daarbij hoort ook een andere blik op de verpleeghuizen en woonzorglocaties. Zij zijn niet alleen het gebouw waar je terechtkomt als het thuis niet meer gaat. Zij kunnen open wijkpartners zijn: plekken van kennis, ontmoeting, dagbesteding, dementiezorg, steun aan mantelzorgers en respijt. We zoeken hiervoor samenwerking met de zorgverzekeraar.

  • Wij sluiten een pact Waardig Ouder Worden met zorgorganisaties, huisartsen, corporaties, welzijn, verenigingen en kerken, met concrete afspraken per wijk en dorp. Verpleeghuizen en woonzorglocaties worden open wijkpartners, met ruimte voor ontmoeting, dagbesteding, dementiezorg en respijt voor mantelzorgers.

Mogelijk maken, niet overnemen

De Stamclub op Zonnestraal, Toffe Peren in Kortenhoef, ’t Wijdehuis, de Ontmoetgroep Wijdemeren, de derde helft bij de voetbalclub ’s-Graveland, SenVer en Ratatouille zijn geen randverschijnselen, dit zijn onze structuren. En zo zijn er nog veel meer initiatieven in onze wijken en dorpen.

Er worden gemeenschappen gebouwd waarin mensen ertoe doen. Ouderen zijn niet alleen ontvangers van zorg. Zij hebben kennis, ervaring, humor, geloof, verhalen, talent en tijd.

Onze rol is mogelijk maken en niet overnemen. Waar wij het van de gemeenschap overnemen, nemen wij ook het eigenaarschap weg. Waar wij wel voorstander van zijn is klein en praktisch: voorzorgcirkels en lief-en-leedstraten ondersteunen, ruimte beschikbaar houden, de regeldruk laag houden en zorgen dat wie iets organiseert niet vastloopt bij een loket.

  • Initiatieven als De Stamclub, Toffe Peren, ’t Wijdehuis en de Ontmoetgroep maken wij mogelijk en nemen wij niet over.
  • Voorzorgcirkels en lief-en-leedstraten breiden we uit.

Veilig ouder worden, ook online

Steeds meer misbruik komt binnen via de telefoon en de laptop: babbeltrucs, phishing, valse bankmedewerkers en oplichting bij online aankopen. Daarnaast speelt financieel misbruik dichter bij huis dan mensen denken. Op hogere leeftijd worden ouderen kwetsbaarder voor oplichting en criminaliteit. Dit heeft een grote impact op hun gevoel van veiligheid.

Wij geven digitale veiligheid, financieel misbruik en steun bij ingrijpende levensgebeurtenissen een vaste plek in de ouderenaanpak, met de bibliotheek als herkenbare plek waar voorlichting en hulp samenkomen.

8
Hoofdstuk 8

Verenigingen en sport

Verenigingen, kerken, dorpshuizen en vrijwilligers zijn het sociale cement van onze samenleving. Op het sportveld, in de kantine en achter de bestuurstafel ontmoeten mensen elkaar die elkaar anders nooit zouden tegenkomen. Wat daar gebeurt, kan geen enkele gemeente organiseren. Wij kunnen het wel mogelijk maken of onbedoeld in de weg zitten.

Het kloppend hart van dorp en wijk

Vraag mensen in onze dorpen en wijken wat hun gemeenschap bij elkaar houdt en het antwoord is bijna altijd hetzelfde: de club, de kerk, het dorps- of buurthuis en de mensen die daar hun avonden aan geven. Een vereniging is vaak niet een activiteit maar dé basisvoorziening.

Sport en bewegen zijn daarbij goud waard. Trainers, vrijwilligers en buurtsportcoaches dragen elke week bij aan de gezondheid van onze inwoners. Bewegen is een van de beste middelen tegen eenzaamheid, overgewicht en mentale kwetsbaarheid. Wie niet vanzelfsprekend meedoet of mee kan doen, moet ergens kunnen aanhaken.

Onze verenigingen bieden structuur, vriendschap en een plek waar iedereen welkom is. Wij willen die clubs versterken door hen ruimte te geven, samenwerking tussen verenigingen te stimuleren en te zorgen dat accommodaties goed worden benut. Een sterke club is meer dan een aanbieder van sport of cultuur. Het is een gemeenschap waar mensen elkaar kennen en waar jongeren opgroeien tot zelfbewuste, betrokken inwoners. Een mooi voorbeeld is de Scouting.

Het CDA vindt dat de komende jaren niet op sport en verenigingen mag worden bezuinigd.

Het echte probleem: teruglopende vrijwilligersaantallen

Als er één zorg is die bij elke vereniging terugkomt, is het deze. Er zijn steeds minder vrijwilligers en bestuurders. In Ankeveen, waar men trots is dat alles samen wordt gedaan, is de opvolging van de mensen die overal de spil zijn de grootste zorg.

Wij horen aan de andere kant iets hoopgevends, mensen wíllen zich inzetten, ze worden alleen niet gevraagd. Het aandeel inwoners dat zich actief wil inzetten voor de buurt is de afgelopen periode gestegen. Het CDA wil mensen verantwoordelijkheid geven, want verantwoordelijkheid geeft eigenaarschap en eigenaarschap geeft betrokkenheid.

Daarom zetten wij de investering in vrijwilligerswerk voort en breiden we de vrijwilligerscentrale uit naar de hele nieuwe gemeente. Wij bouwen voort op de ontwikkelingen van één herkenbaar loket voor vragen van vrijwilligers en verenigingen, waar je terechtkunt met alles wat een bestuur tegenkomt: een vergunning, een verklaring omtrent gedrag, een verzekering, een subsidie of een vraag over de huur van een gebouw.

En wij zetten in op de nieuwe vrijwilligers: promotie van vrijwilligerswerk op scholen en via de maatschappelijke stage, plus de avond voor nieuwe inwoners waar mensen kennismaken met de verenigingen in hun buurt of dorp. Omdat wij geloven dat vrijwilligerswerk bijdraagt aan een mooiere samenleving en minder zorgvraag, investeert het CDA de komende jaren fors in de agenda vrijwillige inzet.

  • We bouwen door met één herkenbaar loket voor vrijwilligers en verenigingen, waar een bestuur terechtkan met een vergunning, een verzekering, een subsidie of een vraag over een gebouw.
  • De vrijwilligerscentrale breiden wij uit naar de hele nieuwe gemeente en wij investeren extra in vrijwilligerswerk.
  • Wij werven nieuwe vrijwilligers waar zij te vinden zijn: op scholen, via de maatschappelijke stage en op de avond voor nieuwe inwoners.

Minder regels, meer club

Vaak is de beste steun die een gemeente kan geven, een vereniging niet in de weg lopen. Regels en verantwoording kunnen gaan domineren en het gezonde verstand kan daarbij in de verdrukking komen. Dat merken juist verenigingen: voor een jaarlijkse rommelmarkt, een dorpsfeest of een toernooi dat er al dertig jaar is, moet steeds meer worden geregeld.

Wij geloven dat het anders kan. Alledaagse activiteiten van verenigingen behandelen wij met vertrouwen als uitgangspunt, in de geest van de regel en niet naar de letter. Wij koesteren de evenementen en de gemeente faciliteert de organisatie.

Ook de bestaande vrijstelling van onroerendezaakbelasting voor verenigingsgebouwen houden wij overeind. Waar gebouwen leeg staan terwijl een andere club ruimte zoekt, worden deze bij elkaar gebracht. Multifunctioneel gebruik houdt voorzieningen betaalbaar en dus in stand.

De fusie brengt de vraag mee hoe subsidies zich tot elkaar verhouden en daar ligt een risico dat initiatieven die nu op eigen kracht draaien straks worden overgenomen door goedbedoeld gemeentelijk geld. Daarom wordt het subsidiebeleid gedifferentieerd. Er komt een transparante set van wegingscriteria waarbij deze aanpak wordt geborgd. De gemeente vult aan wat de gemeenschap zelf draagt en neemt nooit over wat zij zelf kan.

  • De vrijstelling van onroerendezaakbelasting voor verenigingsgebouwen houden wij in stand.
  • Accommodaties gebruiken wij multifunctioneel, zodat clubs elkaars ruimte benutten en voorzieningen betaalbaar blijven. Alledaagse activiteiten van verenigingen maken wij makkelijk in plaats van ingewikkeld: vertrouwen vooraf, soepele vergunningen en handelen in de geest van de regel.
  • Subsidie volgt initiatief, nooit andersom. Wat de gemeenschap zelf draagt vullen wij aan en nemen wij niet over.
  • Gratis VOG voor vrijwilligers, meedoen kan altijd.

Een vereniging is alleen het cement van de samenleving als iedereen er terecht kan. Contributie, sportkleding, een toernooi of een instrument mogen geen reden zijn om af te haken. Daarom houden wij de weg naar het jeugdfonds, het sport- en cultuurfonds en Stichting Leergeld kort en goed vindbaar en zorgen we dat inwoners van de dorpen daar na de fusie net zo goed bij kunnen als inwoners van Hilversum.

Meedoen betekent ook sporten zonder lidmaatschap. Niet iedereen wil op dinsdagavond in een team staan. Daarom investeren wij in laagdrempelig bewegen in de wijk: veilige speelplekken, basketbalveldjes, urban sports, freerunnen, beweegtoestellen voor ouderen en gewoon een goed pad om te wandelen. De openbare ruimte is het verlengstuk van onze sportinfrastructuur. Dit past naadloos in het gezondheidsbeleid: Health in all policies. In Noordwest, waar opvallend weinig sport- en speelplekken zijn, begint dat wat ons betreft.

En veiligheid hoort erbij, op twee manieren. Iedere sporter moet zich veilig voelen bij zijn club, met vertrouwenspersonen, duidelijke omgangsnormen en een cultuur van respect. En de weg ernaartoe moet veilig zijn: kinderen die zelfstandig naar de training fietsen over goed verlichte routes met veilige oversteekplaatsen.

  • Meedoen mag niet op geld stuklopen: het jeugdfonds, het sport- en cultuurfonds en Stichting Leergeld houden wij goed vindbaar en na de fusie gelijk toegankelijk voor de dorpen.
  • Wij investeren in bewegen zonder lidmaatschap: speelplekken, veldjes, urban sports en beweegplekken voor ouderen, te beginnen in de wijken waar die nu ontbreken.
  • Sociale veiligheid bij de club is vanzelfsprekend: vertrouwenspersonen, duidelijke omgangsnormen en een cultuur van respect.
  • De routes naar sportvelden maken wij veilig, zodat kinderen zelfstandig naar de training kunnen fietsen.

De vereniging als vindplaats

Verenigingen zien dingen die de gemeente niet ziet. Een trainer merkt eerder dan wie ook dat het thuis niet goed gaat en een club bereikt jongeren die met geen enkele folder te bereiken zijn. We maken afspraken met clubs over voorlichting op een trainingsavond, over drugs en wapens, over verkeersveiligheid, over online veiligheid of over wat je doet als je je zorgen maakt over een teamgenoot. Dit idee is niet van ons, maar van verenigingen zelf. Wij brengen de kennis en de mensen mee, de vereniging brengt het publiek. Zo maken wij van de club ook een plek waar preventie echt landt.

Sportpark Arena krijgt in onze plannen een bredere rol. Niet alleen een plek om te sporten, maar ook een plek voor ontmoeting, gezondheid en maatschappelijke activiteiten.

Door sport en het sociaal domein dichter bij elkaar te brengen bereiken wij meer mensen. Zoals jongeren die steun nodig hebben, ouderen die een beweegmaatje zoeken en inwoners die via sport weer ritme vinden.

  • Verenigingen zetten wij in als podium voor voorlichting over onderwerpen die er voor jongeren toe doen, met de gemeente die kennis en mensen levert.
  • Sport en het sociaal domein worden beter verbonden.
  • Sportpark Arena krijgt een bredere rol als plek voor sport, ontmoeting, gezondheid en maatschappelijke activiteiten.
Vrijwilligers achter de palingkraam in Kortenhoef
9
Hoofdstuk 9

Cultuur

Cultuur is waar mensen elkaar vinden in iets dat groter is dan henzelf: een koor, een toneelvereniging, een concert, een verhaal. En cultuur is wat wij doorgeven: het Hilversum van Dudok, de dorpen met hun eigen tradities, de verhalen van de media. Cultuur is niet elitair. Cultuur is van de samenleving.

Cultuur is van ons allemaal

Toen Leeuwarden in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa werd, won het niet met het grootste budget maar met twee Friese woorden: Iepen Mienskip. Een open gemeenschap waar iedereen aan meedoet en een rol krijgt. Dat is precies hoe wij naar cultuur kijken. Daarom vroegen wij het college, met unanieme steun van de raad, om initiatieven te stimuleren en waar mogelijk te faciliteren waarbij kwetsbare tot zeer kwetsbare inwoners worden uitgenodigd om mee te doen in de organisatie en de uitvoering van cultuur. Meedoen is bij ons niet in het publiek zitten. Meedoen is meemaken.

Een gezond kunst- en cultuurklimaat is onontbeerlijk voor onze gemeente. Kunst, theater, muziek, dans en film maken steden en dorpen mooier en aangenamer. Maar cultuur is vóór alles van de gemeenschap zelf. De overheid heeft daarin niet het primaat. Zij bewaakt de randvoorwaarden en ondersteunt wat de samenleving zelf maakt.

En wat de samenleving in Hilversum maakt, mag er zijn. Van de concertzaal aan de Heuvellaan tot het Havenloos Mannenkoor, van het museum Sypesteyn tot de musicalvereniging in het dorpshuis.

Cultuur in onze gemeente wordt gedragen door duizenden mensen die er hun avonden en weekenden aan geven. We zijn trots op verenigingen als Beatrix, het Cuypersensemble en het Grafisch Atelier. En op de instellingen die ons op de kaart zetten: het Groot Omroepkoor, het Radio Filharmonisch Orkest en Beeld en Geluid. Ook de kleine gezelschappen waar naast cultuur de ontmoeting centraal staat, kunnen op onze steun rekenen.

Iedere inwoner moet zich kunnen ontwikkelen via muziek, toneel of andere culturele vorming. Daarom houden we de voorzieningen voor amateurkunst laagdrempelig en betaalbaar, breiden we culturele activiteiten op buurt- en dorpsniveau uit en zorgen we via het Jeugdfonds en goedkoper aanbod dat ook gezinnen met een smalle beurs kunnen meedoen. Cultuureducatie laat elk kind kennismaken met muziek, theater en kunst, wat er thuis ook te besteden is. En de bibliotheek verhuist dit jaar naar haar nieuwe plek in de Gooische Brink, midden in het centrum. Daar hebben wij jaren voor gepleit. Nu is het onze taak te bewaken dat zij de huiskamer van de gemeente wórdt en blijft: laagdrempelig, betaalbaar en van iedereen, met een groeiende rol in onze digitale samenleving. Laagdrempelig betekent voor ons ook: gratis kunnen parkeren als je boeken komt halen.

  • Eén keer per jaar versterken horeca, cultuur en het verenigingsleven elkaar in een gezamenlijk evenement en we schrijven jaarlijks een prijsvraag uit voor een kunstwerk in de openbare ruimte.
  • De nieuwe bibliotheek in de Gooische Brink moet de huiskamer van de gemeente worden. Wij bewaken dat zij laagdrempelig en betaalbaar blijft, voor jong en oud, met de gratis parkeerplaatsen waartoe de raad op ons verzoek al besloot.
  • Elk kind maakt kennis met muziek, theater en kunst. Gezinnen met een smalle beurs helpen we meedoen via het Jeugdfonds en goedkoper aanbod.
  • Amateurkunst en culturele verenigingen kunnen rekenen op betaalbare oefen- en podiumruimte. Cultuur op buurt- en dorpsniveau breiden we uit.

Subsidie volgt initiatief, nooit andersom

Shantykoor op het podium bij De Oude School

Hoe zorgen we ervoor dat prachtige initiatieven uit de gemeenschap, gedragen door vrijwilligers, lokale sponsoren en eigen inzet, niet worden verdrongen door goedbedoelde gemeentelijke (financiële) ondersteuning? Het gelijktrekken van subsidies met de stad lijkt aantrekkelijk, maar meer geld mag er niet toe leiden dat de gemeente de verantwoordelijkheid overneemt. Want wie de verantwoordelijkheid overneemt, neemt uiteindelijk ook het eigenaarschap weg.

De voorbeelden voor het oprapen. De avondvierdaagse draait niet zonder vrijwilligers, in Ankeveen houden onder meer de Dillewijn, SOFA en de Ankeveense IJsclub met activiteiten als de 12 uur van Ankeveen het dorp levendig. In ’s-Graveland wordt de Veemarkt door lokale inzet van de SFG (Stichting Festiviteiten ’s-Graveland) mogelijk gemaakt. In Kortenhoef draaien het NK Palingroken, Koningsdag, speeltuin De Eekhoorn en het carnaval van de Turftrappers op vrijwilligers. In Loosdrecht organiseert Stichting SLOEP met honderden vrijwilligers de Feestweek en tal van andere activiteiten. In Nederhorst den Berg worden het Zomerspektakel en Nederhorst on Ice door vrijwilligers en lokale sponsoren gedragen. En in Breukeleveen regelen inwoners veel zelf, van de AED tot de kerstverlichting. In Hilversum wordt buurthuis De Geus door vrijwilligers gerund, in de Meent is De Kruisdam een centraal punt voor en door inwoners, speeltuinen, de H100 en er valt nog zoveel op te noemen.

De gemeente ondersteunt waar dat nodig is, neemt belemmeringen weg en geeft ruimte, maar neemt niet over wat inwoners zelf al uitstekend organiseren.

Daarom hanteren wij het principe: subsidie volgt initiatief, nooit andersom. De gemeente vult aan wat de gemeenschap zelf draagt en neemt nooit over wat de gemeenschap zelf kan. We geven onze subsidieregelingen zo vorm dat deze beweging wordt gestimuleerd. Dat vraagt wel eerlijkheid over de keerzijde. Op veel plekken maken initiatiefnemers zich zorgen over de opvolging van de vrijwilligers die overal de spil zijn. Een model dat op vrijwilligers rust, houdt alleen stand als er mensen bij komen. Daarom investeren wij in de vrijwilligerscentrale en wordt een herkenbaar loket voor vrijwilligers en verenigingen doorontwikkeld.

Dat werken we uit in drie afspraken:

  • We streven naar een licht waarderingsregime voor gemeenschapsinitiatieven (klein bedrag, minimale verantwoording, geen professionaliseringseisen) naast de subsidieregeling voor de (semi) professionele cultuur.
  • Cofinanciering als standaard. Zo blijft het initiatief eigenaar en is subsidie een steun in de rug, geen infuus.
  • Een dorpsgarantie bij de fusie: bestaande initiatieven blijven ten minste de hele raadsperiode overeind. Wijkt het college hiervan af, dan legt het dat uit aan de raad.

Erfgoed: het verhaal dat wij doorgeven

Onze gemeente draagt drie verhalen die nergens anders samen voorkomen: de tuinstad van Dudok, het religieuze en industriële erfgoed van dorpen en stad en het media-erfgoed van tachtig jaar radio en televisie. Die verhalen beschermen we door ze te blijven vertellen: in het onderwijs, in de openbare ruimte en door herbestemming die karakter bewaart in plaats van sloopt.

De geschiedenis van onze gemeente verdient een vaste plek. Dat dossier sleept al veel te lang. Bij het feestjaar 600 jaar Hilversum maakte het Erfgoedhuis samen met de Collectie Hilversum een vliegende start in de Gooische Brink, maar sindsdien zwerft het van zaal naar zaal. Dat gaan wij deze periode eindelijk goed regelen: een vaste en volwaardige plek, bij voorkeur in of naast de nieuwe bibliotheek of Museum Hilversum. Een trefpunt waar inwoners, verenigingen en schoolklassen het verhaal van hun eigen omgeving leren kennen. De archeologische rijkdom krijgt een plek in de educatie, samen met specialisten en de Archeologische Werkgemeenschap Naerdincklant. Het streekarchief helpen we met digitaliseren, zodat elke inwoner het verleden kan raadplegen. Erfgoed hoeft trouwens niet oud te voelen. In ’s-Graveland bracht het vierhonderdjarig bestaan in 2025 het dorp echt bij elkaar.

Herbestemmen is de beste vorm van behoud. Werf35 en de melkfabriek aan de Larenseweg laten zien hoe industrieel erfgoed een tweede leven krijgt met behoud van karakter; dat beleid zetten we voort. Kerken en gebedshuizen die hun functie verliezen, verdienen een herbestemming die past bij het gebouw en de buurt. En kerken en gebedshuizen blijven welkom in Hilversum 2040. Monumenteigenaren blijven we actief ondersteunen bij onderhoud, onder meer via het Gevelherstelfonds. En het media-erfgoed vraagt om lef: karakteristieke omroeppanden herbestemmen en Beeld en Geluid en de TV-toren beter benutten als visitekaartje van de Mediastad. En dan het theater. Sinds het doek in 2020 viel voor Theater Gooiland moet Hilversum het zonder volwaardige theaterzaal stellen; het monumentale complex is inmiddels in andere handen en dient als hotel en evenementenlocatie. De Vorstin en de kleinere podia doen fantastisch werk, maar een zaal waar de grote toneel-, dans- en muziekproducties kunnen staan, ontbreekt in een gemeente van onze omvang. Het CDA vindt dat er in onze gemeente weer een echt theater moet komen, met een programmering die dat gemis vult. De Kerkbrink wordt op dit moment opnieuw ingericht, met de nieuwe bibliotheek, Museum Hilversum en het muziekarchief van Beeld en Geluid als buren. Wij zorgen dat het plein na de verbouwing ook gaat leven, het hele jaar rond. Programmering maken we samen met de ondernemers, de culturele instellingen en onze citymarketing: zij kennen de makers en het publiek, de gemeente maakt mogelijk.

  • Het Erfgoedhuis en de Collectie Hilversum krijgen eindelijk een vaste en volwaardige plek. Daarnaast helpen we het streekarchief met digitaliseren en krijgt archeologie een plek in de educatie.
  • We herbestemmen met karakter: industrieel, religieus en media-erfgoed krijgt een tweede leven en monumenteigenaren steunen we via het Gevelherstelfonds.
  • Hilversum krijgt weer een volwaardig theater met een goede programmering. Sinds 2020 moet onze gemeente het daarzonder stellen en dat past een gemeente van onze omvang niet.
  • De vernieuwde Kerkbrink laten we leven: met de nieuwe bibliotheek, Museum Hilversum en het muziekarchief van Beeld en Geluid als buren hoort daar het hele jaar iets te beleven te zijn.
10
Hoofdstuk 10

Ondernemers en winkels

De bakker, de installateur, de boer, het familiebedrijf op het bedrijventerrein en de ondernemer die al dertig jaar op de markt staat zorgen voor levendigheid, werk en worteling. Zij sponsoren het jeugdelftal, leiden de leerling op en houden het winkelgebied levend. Onze gemeente mag geen slaapplek worden: hier moet je kunnen wonen én werken.

Ruimte om te ondernemen

Ondernemers vragen niet als eerste om geld, maar om een gemeente die luistert, meedenkt en doet wat redelijk is. Een waarschuwing waar dat kan, een duidelijk antwoord waar dat moet en één aanspreekpunt wanneer een aanvraag vastloopt. Regels zijn een middel en mogen nooit het doel worden.

Daarom krijgen ondernemers na de fusie één herkenbaar ondernemersloket en bij ingewikkelde aanvragen één vaste contactpersoon. We spreken servicenormen af voor vergunningen en vragen. Voordat tarieven, heffingen of vergunningregels veranderen, maken wij per sector inzichtelijk wat de totale gevolgen zijn. Ondernemers mogen niet worden verrast door een stapeling van lasten.

  • Ondernemers krijgen één loket.
  • Er komt een openbare ondernemersschraplijst. Elk voorstel om een gemeentelijke regel of procedure te schrappen krijgt een besluit en een uitleg.
  • Op gemeentelijke parkeerlocaties en in de gemeentelijke garages Gooische Brink en Gooiland maken wij het eerste uur gratis, met een juridisch houdbaar en financieel gedekt besluit.
  • Met particuliere exploitanten maken wij afspraken over een vergelijkbare korting.
  • In de dorpscentra blijft parkeren gratis. De parkeerfunctie van het Noordse Bosje blijft bij herontwikkeling behouden en een garage onder het marktterrein blijft voor de lange termijn in beeld.

Sterke winkelgebieden en levendige kernen

Leegstand overkomt ons niet zomaar. In Hilversum staat winkelruimte leeg; in de dorpen staan dagelijkse voorzieningen onder druk. Een winkel die eenmaal verdwijnt, komt niet vanzelf terug. Daarom kiezen wij per winkelgebied samen met ondernemers en vastgoedeigenaren voor versterken, concentreren of transformeren.

Wij beginnen niet op nul. Voor Mediaplein Kerkbrink ontving Hilversum ruim 1,1 miljoen euro uit de landelijke Impulsaanpak Winkelgebieden. Die ervaring gebruiken we om ook voor andere gebieden investeringsklare plannen te maken. Markten horen daarbij: zij geven zelfstandige ondernemers ruimte en brengen bezoekers en inwoners bij elkaar.

  • Elk winkelgebied krijgt een duidelijke koers met concrete afspraken over bereikbaarheid, openbare ruimte, leegstand en investeringen.
  • Leegstaande panden krijgen sneller een passende nieuwe bestemming, bijvoorbeeld voor een starter, dienstverlening, wonen, ambacht of cultuur.
  • Wij benutten het landelijke Expertteam Transformatie Winkelgebieden en staan klaar wanneer Rijk of provincie nieuwe middelen beschikbaar stellen. Samen met marktkooplieden en winkeliers maken wij onze markten aantrekkelijk, herkenbaar en goed bereikbaar.

Ondernemen in onze dorpen en wijken

Niet iedere kern hoeft hetzelfde te zijn. Wel verdient iedere kern bereikbare voorzieningen, ruimte voor lokale ondernemers en een levendig hart.

  • Ankeveen: wij koesteren de belangrijke zaterdagmarkt als plek voor lokale producten en ontmoeting. Kleinschalig en agrarisch ondernemerschap krijgt ruimte die past bij het dorp.
  • Kortenhoef: wij versterken De Meenthof en houden winkels, voorzieningen, bevoorrading en parkeerplaatsen tijdens werkzaamheden bereikbaar.
  • Nederhorst den Berg en Nieuw-Loosdrecht: wij zetten in op het behoud van dagelijkse winkels en helpen ondernemers bij uitbreiding en bedrijfsoverdracht.
  • ’s-Graveland: wij geven ruimte aan kleinschalig ondernemerschap, horeca en recreatie die passen bij de buitenplaatsen en het karakteristieke landschap.
  • Oud-Loosdrecht, Breukeleveen, Muyeveld en Boomhoek: watersport, jachthavens, horeca en verblijfsrecreatie krijgen perspectief, met aandacht voor bereikbaarheid en de leefbaarheid op piekdagen.
  • Hilversum: in het centrum en Zuidoost pakken wij leegstand aan; op de Gijsbrecht, in Kerkelanden en Seinhorst bewaken wij de dagelijkse winkelfunctie en de bereikbaarheid.

Het Stadsfonds: geld van ondernemers, zeggenschap voor ondernemers

Het Stadsfonds is in 2015 op initiatief van ondernemers en maatschappelijke organisaties opgericht. De opslag op de OZB voor niet-woningen bedraagt 10,25 procent. Negentig procent van het fondsbudget gaat naar de gebieden. Het fonds heeft een eigen bestuur en een eigen structuur; die zelfstandigheid respecteren wij.

Daar hoort wel openheid bij. In 2026 is € 396.794 nabetaald, omdat over 2020 tot en met 2025 niet steeds op basis van de werkelijke OZB-opbrengst was afgerekend. Dat mag niet opnieuw gebeuren. Ook geldt een heldere grens: het fonds betaalt extra activiteiten, niet het gewone onderhoud en andere gemeentelijke taken.

De belastingharmonisatie na de fusie kan gevolgen hebben voor ondernemers en maatschappelijke organisaties in de dorpen. Voor ons is uitbreiding van het fonds geen automatisme. De raad neemt daarover een expliciet besluit na raadpleging van de betalers, een volledige financiële doorrekening en duidelijke afspraken over lokale zeggenschap. Waar daarnaast een bedrijveninvesteringszone bestaat, worden taken en begrotingen vooraf afgebakend.

  • De gemeenteraad krijgt jaarlijks een openbaar overzicht van opbrengsten, bestedingen per gebied, reserves en organisatiekosten.
  • Toekenningen en afwijzingen worden navolgbaar gemotiveerd. Het gezamenlijke belang, draagvlak en uitvoerbaarheid staan voorop. Gebieden waar ondernemers nog onvoldoende georganiseerd zijn krijgen hulp, zodat hun geld niet ongebruikt blijft liggen.
  • Een activiteit wordt nooit zowel uit een bedrijveninvesteringszone als uit het Stadsfonds betaald.

Werken in onze gemeente

Een sterke gemeente biedt niet alleen ruimte om te wonen, maar ook om te werken. Daarom beschermen en vernieuwen wij onze werklocaties. In Hilversum zetten wij de kwaliteitsimpuls voor Zuidwest voort. Ook De Boomgaard, Nieuw-Walden/Machineweg, De Slenk, Rading, Reeweg en De Zodde krijgen een volwaardige plaats in het economische beleid van de nieuwe gemeente.

De Toekomstvisie bedrijventerreinen Wijdemeren uit 2020 wordt samen met ondernemers geactualiseerd. We benutten de bestaande ruimte slimmer en zoeken pas daarna zorgvuldig naar uitbreiding. Lokale bedrijven moeten kunnen doorgroeien, want als zij vertrekken, komen de banen niet vanzelf terug.

  • Per bedrijventerrein maken wij afspraken over bereikbaarheid, verkeersveiligheid, parkeren, verduurzaming, digitale verbindingen en de openbare ruimte.
  • Wij zijn terughoudend met het omzetten van bedrijventerreinen naar woningbouw en bewaken dat er voldoende betaalbare werkruimte blijft.
  • Zzp’ers, starters en kleine bedrijven krijgen betaalbare werkplaatsen en plekken waar zij elkaar, opdrachtgevers en kennispartners kunnen ontmoeten.
  • Met het mbo en lokale werkgevers maken wij afspraken over stages, leerbanen en praktijkgerichte opleidingen.

Werken, wonen en meedoen

Expats leveren een belangrijke bijdrage aan onze bedrijven en samenleving. Wij waarderen die bijdrage en nodigen hen uit om Nederlands te leren en mee te doen in hun buurt of dorp. Van werkgevers die mensen hierheen halen, verwachten wij dat zij verantwoordelijkheid nemen voor goede huisvesting en duidelijke informatie.

Van Gooise ideeën naar resultaat

De organisaties en fondsen bestaan al. Het gaat erom dat wij ze veel beter benutten. Daarom wijzen wij één gemeentelijke aanjager aan die kansrijke plannen van ondernemers, onderwijs en maatschappelijke organisaties helpt uitwerken en naar de juiste financier brengt.

Wij benutten ROM Utrecht Region, ROM InWest en provinciale, landelijke en Europese fondsen veel actiever. Jaarlijks maken wij zichtbaar welke projecten zijn geholpen, hoeveel externe financiering is binnengehaald en hoeveel investeringen en banen dat heeft opgeleverd.

  • De inzet richt zich op media en technologie, zorg, waterrecreatie, agrarisch ondernemerschap en voedsel, energie en circulaire economie.

De plassen en de waterrecreatie

De nieuwe gemeente wordt niet alleen Mediastad, maar ook een gemeente van plassen, buitenplaatsen en dorpen. De Loosdrechtse en Kortenhoefse Plassen, de Wijde Blik, de Spiegelplas en het Hilversums Kanaal zijn belangrijk voor watersport, horeca, recreatie en werkgelegenheid. Ondernemers krijgen binnen het omgevingsbeleid zoveel mogelijk langjarige duidelijkheid, zodat zij kunnen investeren en het seizoen kunnen verlengen.

Natuur, recreatie en leefbaarheid moeten daarbij in balans blijven. De gemeente kan dat niet alleen. Wij werken samen met ondernemers, inwoners, provincies, waterschap, natuurorganisaties en het Plassenschap en zorgen dat er één herkenbaar aanspreekpunt is.

  • Wij houden vaarwegen bereikbaar en bevaarbaar en voeren het langjarige beheer van overmatige waterplanten zichtbaar uit.
  • Voor drukke dagen maken wij afspraken over bereikbaarheid, parkeren en spreiding van bezoekers, met respect voor onze dorpen.
  • Jaarlijks maken wij inzichtelijk hoeveel toeristenbelasting wordt opgehaald en wat wordt geïnvesteerd in recreatieve voorzieningen, promotie, bereikbaarheid en beheer.
  • In de gezamenlijke marketing krijgen de plassen, buitenplaatsen en dorpen een prominente plaats naast Hilversum Mediastad.

Boeren verdienen ruimte en toekomst

Boeren horen bij onze nieuwe gemeente. Agrarische familiebedrijven produceren voedsel, bieden werk en onderhouden het karakteristieke landschap. Wij kiezen voor een buitengebied mét boeren: met koeien in de wei en bedrijven die grond, vakmanschap en verantwoordelijkheid kunnen doorgeven aan de volgende generatie.

Veel landbouwregels, natuurdoelen en vergoedingen worden bepaald door Rijk, provincie en waterschap. De gemeente kan die regels niet opzijzetten, maar kan wel naast boeren staan. Besluiten over landbouwgrond, water, natuur en ruimtelijke ontwikkeling nemen wij niet zonder de boeren die de gevolgen ondervinden.

  • Wij behandelen vergunningen voortvarend, voegen geen onnodige lokale regels toe en komen bij provincie en Rijk op voor werkbare oplossingen. Bouwvergunningen moeten versneld verleend kunnen worden.
  • Er komt ruimte voor bedrijfsopvolging, verduurzaming, boerderijwinkels, streekproducten, korte voedselketens, agrarisch natuurbeheer en passende recreatie.
  • Boeren die natuur, landschap en water beheren krijgen een eerlijke en langdurige vergoeding. Waar de gemeente opdrachtgever of grondeigenaar is, maken wij die afspraak zelf; andere overheden spreken wij aan op hun verantwoordelijkheid.

MediaTech: de motor onder onze economie

Het Media Park is het economische hart van de mediasector: ongeveer honderd bedrijven en meer dan zesduizend banen. Kunstmatige intelligentie, streaming en virtual production veranderen het vak razendsnel. De bouwstenen voor vernieuwing zijn er al, met mediabedrijven, omroepen, Beeld & Geluid, onderwijs en Media Campus NL. Nu maken wij die samenwerking krachtiger en zichtbaarder.

De economische functie blijft vooropstaan. Onderwijs, wonen voor studenten, starters en jonge professionals en voorzieningen als horeca en sport maken de campus levendig en sociaal veilig. Goede bereikbaarheid per trein, fiets en openbaar vervoer is daarbij onmisbaar.

  • Wij bouwen verder aan een open campus waar gevestigde bedrijven, start-ups, onderwijs en talent elkaar vinden.
  • Er komen gedeelde innovatielabs voor virtual production en XR en ruimte voor verantwoord gebruik van het Nederlandstalige media-archief voor Nederlandse AI-toepassingen, met respect voor auteursrecht, privacy en publieke waarden. Wij breiden mbo- en hbo-onderwijs op en rond het Media Park uit en verbinden opleidingen rechtstreeks aan stages en banen.
  • Kennis over data, beeld, geluid en digitalisering wordt actief verbonden met zorg, cultuur, recreatie, winkels, het mkb en ondernemers in onze dorpen.
11
Hoofdstuk 11

Kandidaten

De top tien van de kandidatenlijst op de ophaalbrug
  1. Gerben van VoordenHilversum
  2. Rosalie van Rijn’s-Graveland
  3. Koen TabakHilversum
  4. Jan Willem NienhuisKortenhoef
  5. Leoni BrussaardHilversum
  6. Eric TorsingAnkeveen
  7. Tim van der MeulenHilversum
  8. Jacobine van DijkHilversum
  9. Siem van OoijenHilversum
  10. Jan Verbruggen’s-Graveland
  11. Dik van EnkKortenhoef
  12. Vito van OschHilversum
  13. Mathijs HaselagerKortenhoef
  14. Merlin MajoorHilversum
  15. Ahmet YorulmazHilversum
  16. Bas KersKortenhoef
  17. Barry RooimansLoosdrecht
  18. Gertjan PostmaHilversum
  19. Peter HeerenNederhorst den Berg
  20. Ymkje MeijerKortenhoef
  21. Evert Jan Kruijswijk JansenHilversum
  22. Remco BoshuizenNederhorst den Berg
  23. Richard HoffHilversum
  24. Suzanne de HaanKortenhoef
  25. Daan MolenaarHilversum
  26. Menno KrijnenHilversum
  27. Joost CornieljeHilversum
  28. Jan Jaap SandbergenHilversum
  29. Annemieke van WeeghelKortenhoef
  30. Albert BloemhofHilversum
  31. Herman VeldhuisenNederhorst den Berg
  32. Bas BaartmanKortenhoef
  33. Daniël van ZaalenHilversum
  34. Wil van ErpKortenhoef
  35. Tijmen HennipmanLoosdrecht
  36. Anja WijnandsHilversum
  37. Saskia LuijerKortenhoef
  38. Nico HaasHilversum
  39. Anton van SchaickHilversum
  40. Anja LamNederhorst den Berg
  41. Janneke Verbruggen-van Corteveen’s-Graveland
  42. Robert AbbinkNederhorst den Berg
  43. Marcel BrouwerHilversum
  44. Tjebbel MarisKortenhoef
  45. Willem van der SpekHilversum
  46. Ewout JansenHilversum
  47. Joep MouritsHilversum
  48. Sach JansenHilversumse Meent
  49. Hans HillenHilversum
  50. Olaf StreutkerHilversum
Kandidaten

Onze top 10

Vijftig inwoners uit de wijken en dorpen staan op de lijst van het CDA. Hier stellen de eerste tien zich voor: waar ze wonen, wat ze doen en waar ze zich in hun eigen omgeving voor inzetten.

Gerben van Voorden, nummer 1

Gerben van Voorden

Hilversum
Vertrouwen, samenwerking en verantwoordelijkheid
Maatschappelijk cv
  • Lijsttrekker CDA Hilversum
  • Woont 18 jaar in Hilversum
  • Wethouder Zorg en Samenleving, daarvoor acht jaar raadslid
  • Betrokken bij buurt- en zorginitiatieven
  • Mountainbiker
Rosalie van Rijn, nummer 2

Rosalie van Rijn

’s-Graveland
Maximaal bouwen voor wie hier een thuis heeft
Maatschappelijk cv
  • Opgegroeid in Kortenhoef, woont in ’s-Graveland
  • Wethouder in Wijdemeren
  • Sinds kort moeder van een jongetje
  • Vrijwilliger bij de intocht van Sinterklaas in Ankeveen
Koen Tabak, nummer 3

Koen Tabak

Hilversum
Verkeersveiligheid krijgt voorrang
Maatschappelijk cv
  • Geboren en getogen Hilversummer
  • Economiedocent
  • CDA-commissielid
  • Geeft vrijwillig financieel advies, onder meer aan minima
Jan Willem Nienhuis, nummer 4

Jan Willem Nienhuis

Kortenhoef
Veiligheid begint dichtbij
Maatschappelijk cv
  • Woont in Kortenhoef
  • Compliance officer
  • Ruim twaalf jaar raadslid in Wijdemeren
  • Actief bij BLOK, het Kerkje aan de Dijk, het Wijdegatconcert en SV ’s-Graveland
Leoni Brussaard, nummer 5

Leoni Brussaard

Hilversum
Samen tegen eenzaamheid
Maatschappelijk cv
  • Woont 17 jaar in Hilversum
  • Notarieel jurist
  • Actief in de kerk
  • Betrokken bij initiatieven tegen kinderarmoede
Eric Torsing, nummer 6

Eric Torsing

Ankeveen
Waar de club draait, draait de gemeenschap
Maatschappelijk cv
  • Ankevener
  • Sociaal ondernemer
  • Zet zich al 30 jaar in voor verenigingen, kerken en dorpsevenementen
Tim van der Meulen, nummer 7

Tim van der Meulen

Hilversum
Verzorgd groen in elke wijk en elk dorp
Maatschappelijk cv
  • Geboren en getogen Hilversummer
  • Projectleider energietransitie
  • CDA-commissielid
Jacobine van Dijk, nummer 8

Jacobine van Dijk

Hilversum
Ondernemen zonder obstakels
Maatschappelijk cv
  • Geboren en getogen Hilversumse
  • Werkt in een internationaal familiebedrijf
  • Moeder van drie dochters
  • CDA-raadslid
Siem van Ooijen, nummer 9

Siem van Ooijen

Hilversum
Cultuur begint waar mensen elkaar raken
Maatschappelijk cv
  • Rasechte Hilversummer
  • Historicus
  • CDA-fractiemedewerker
  • Kent de buurten ook van zijn werk als postbode
Jan Verbruggen, nummer 10

Jan Verbruggen

’s-Graveland
Beleid begint met een kop koffie
Maatschappelijk cv
  • Woont zijn hele leven aan het Noordereinde in ’s-Graveland
  • Actief in de kerk en bij ouderenactiviteiten
  • Voormalig raadslid en waarnemend wethouder
Gemeenteraadsverkiezingen Hilversum
Woensdag 18 november 2026
Voor elkaar. Met elkaar.
Lijst5
Eén gemeente, ruimte voor verschil

Per dorp en wijk

Onze dorpen en wijken hebben ieder hun eigen identiteit, tradities en voorzieningen. Wat goed werkt in een dorp, hoeft niet hetzelfde te zijn als wat een stadswijk nodig heeft. Daarom zetten wij ons per dorp en wijk in voor wat daar telt.

Kaart van de nieuwe gemeente met de dorpen en wijken

Ankeveen

  • Dorpsevenementen en afspraken, ook rond natuurijs, behouden en vergunningen vereenvoudigen.
  • Woningen voor doorstroming bij voetbalvereniging en kerk, liefst met (zorg)voorzieningen.
  • Veiliger fietsen op Hollands End en Stichts End.

Breukeleveen

  • Hardrijden en sluipverkeer in Breukeleveen, Muyeveld en Boomhoek aanpakken.
  • Initiatief voor een lokale energiegemeenschap steunen.
  • Passende regels voor watersport, recreatie en bereikbaarheid.

Kortenhoef

  • Seniorenwoningen op VLEK-gronden aan de Emmaweg.
  • Kansen voor woningen bij vernieuwing Regenboog en Curtevenneschool.
  • Tweede fase van de herinrichting van de Kortenhoefsedijk afronden en de weg veilig inrichten als 30 km/u-weg.

Loosdrecht

  • Bibliotheeklocatie ontwikkelen.
  • Verkeersveiligheid op de beide Loosdrechtsedijken, Rading en Molenmeent en bij De Haven verbeteren.
  • Woningbouw op Rading 1, schoollocaties, Dennelaan en Porseleinhaven realiseren.

Nederhorst den Berg

  • Blijklaan ontwikkelen als dorpshart met voorzieningen, woningen voor jong en oud en een eigen plek voor jongeren.
  • Geen windturbines aan de dorpsrand.
  • Verkeersveiligheid op de Dammerweg en de Randweg verbeteren.

’s-Graveland

  • Woningbouw Kininelaantje doorzetten met voorrang voor lokaal gebondenen.
  • Noordereinde en Zuidereinde veiliger en leefbaarder maken, met oog voor landschap.
  • Ruimte voor passende kleinschalige horeca, recreatie en ondernemerschap.

Hilversumse Meent

  • MeentMobiel voor vervoer en ontmoeting steunen.
  • Een dementievriendelijke Meent.
  • Gratis parkeren behouden.

Hilversum Centrum

  • Overlast en straatintimidatie aanpakken.
  • Bibliotheek Gooische Brink als huiskamer; gratis parkeren voor boeken halen en brengen.
  • Groenere winkelstraten.

Hilversum Noordoost

  • Meer bomen en groene schoolpleinen.
  • Verloedering snel aanpakken.
  • Sporten toegankelijk maken, ook bij geldgebrek.

Hilversum Noordwest

  • Meer speel- en beweegplekken voor alle leeftijden.
  • Meldpunt voor gevaarlijke verkeerssituaties, mét terugkoppeling.
  • Zorg dichtbij: zonder indicatie waar het kan, met indicatie waar het moet.

Hilversum Oost

  • Jongerenoverlast aanpakken én jongeren een eigen plek bieden.
  • 30 km/u op gedeelde wegen.
  • Wijkinitiatieven voor groen en ontmoeting ondersteunen.

Hilversum Zuid

  • Parkeerdruk rond onder meer de Kastanjevijver verminderen.
  • Vlakke stoepen, bankjes en veilige oversteekplaatsen.
  • Een herkenbare ontmoetingsplek in Zuid.

Hilversum Zuidoost

  • Arenapark sneller ontwikkelen, met woningen, voorzieningen, groen en bereikbaarheid.
  • Nieuwe bewoners welkom heten met een wijkavond en waar mogelijk een buddy.
  • Bekende gevaarlijke verkeerspunten samen aanpakken.

Hilversum Zuidwest

  • Zichtbare wijkagenten en boa’s; snel optreden tegen vandalisme en verloedering.
  • Gratis parkeren in Kerkelanden behouden.
  • Verbindende wijkinitiatieven blijven steunen.

Alle dorpen

  • Gratis parkeren behouden: in de dorpen komt geen betaald parkeren.